Gebruiksaanwijzing voor de K-MINC-2000
Geregistreerde alarmen en andere voorvallen bekijken
1. Tik op het pictogram Alarmen/voorvallen. Het volgende scherm
verschijnt, met daarop alle voorvallen en alarmen voor de MINC+:
2. Tik op de pijlen omhoog en omlaag om de items te doorlopen.
3. Als u alleen alarmen wilt weergeven (dus niet voorvallen zoals
dekselopeningen), tikt u op het selectievakje Alleen alarmen tonen.
5.4.10 Een schaal- of patiëntbestand opzoeken en een
schaalrapport genereren
1. Zorg dat de USB-drive in de USB-poort aan de voorkant onder het
aanraakscherm van de centrale console is geplaatst.
2. Tik op het pictogram Rapporten. Het volgende scherm verschijnt:
3. Tik op Zoek schaal-/patiëntrapport.
4. Voer een zoekterm in. Bestanden kunnen worden doorzocht op
Achternaam, Voornaam, ID schaal en ID patiënt.
5. Selecteer Exportrapport.
6. Selecteer de indeling PDF of CSV. Er wordt voor de betreffende
schaal een rapport gegenereerd en opgeslagen op de externe
12
USB- drive.
5.4.11 Een incubatorrapport genereren
1. Zorg dat er een USB-drive in de USB-poort aan de voorkant onder het
aanraakscherm van de centrale console is geplaatst.
2. Tik op het pictogram Rapporten. Het volgende scherm verschijnt:
3. Tik op Genereer incubatorrapport.
4. Selecteer het datumbereik voor het rapport door op het
kalenderpictogram te tikken. Het maximale datumbereik is
drie maanden.
5. Selecteer Exportrapport.
6. Selecteer de indeling PDF of CSV. Er wordt een rapport met alle
logboeken, voorvallen en alarmen van de MINC+ in het opgegeven
datumbereik gegenereerd en opgeslagen op de externe USB-drive.
5.4.12 Scherm Status
Het statusscherm biedt een actuele momentopname van de linker
en rechter incubatiekamer, de mediaverwarmingskamer (MWC), de
gasflowstatus en het waterpeil van elke bevochtigingsfles. Dit scherm
bevat geen bewerkingen voor het wijzigen van de bedrijfsinstellingen
van de MINC+ via de centrale console.
5.4.13 Scherm Instellingen – tabblad Algemeen
Via het scherm Instellingen kan de gebruiker de algemene instellingen,
schaalconfiguratie, netwerkinstellingen en datum- en tijdinstellingen
wijzigen, de database beheren en informatie over de incubator weergeven.
Tabblad Algemeen
Op dit scherm worden de naam en de schaalinstellingen van de incubator
weergegeven.
• Apparaatinstellingen – Hiermee kan een naam worden toegewezen
aan de MINC+. Selecteer het potloodpictogram om de naam van de
incubator toe te voegen. Wijs een naam (maximaal 20 tekens) toe die
herkenbaar is voor het laboratorium of de locatie van het hulpmiddel
beschrijft. De volgende tekens kunnen worden gebruikt voor de naam
van een incubator: 0-9, a-z , A-Z, -, _, ., (, ), #, @, &.
• Alarm deksel open – Als deze optie wordt geselecteerd, wordt de
menu-optie Schaaltoewijzing ingeschakeld. Zie paragraaf 5.4.8.
• Pieptoon bij aanraking – Als deze optie wordt ingeschakeld, worden
wanneer de centrale console wordt aangeraakt gebruikersbewerkingen
bevestigd door een pieptoon.
• Taal – Selecteer een taal in de vervolgkeuzelijst. De standaardinstelling
is Engels.
• ID eerste schaal – Deze optie bepaalt welke tekst voor de schaal wordt
weergegeven op het scherm Inhoud. Deze moet zijn gedefinieerd om
schalen op juiste wijze te herkennen.
• ID tweede schaal – Met deze optie wordt de tekst ingesteld voor de
secundaire informatie die voor elke schaal wordt weergegeven op het
scherm Inhoud. Deze informatie wordt niet weergegeven voor kleine
schalen (35 mm).
• Naamformaat – Hiermee wordt de volgorde ingesteld waarin de voor-
en achternaam van de patiënt worden weergegeven.
12-19
Nederlands