FR
EN
DE
ES
IT
Nederlands (Vertaling van de originele instructies)
WERKING
WAARSCHUWING:
Laat uw vertrouwdheid met dit product u niet
zorgeloos maken. Hou er rekening mee dat een
kleine onoplettendheid voldoende is om ernstige
verwondingen te veroorzaken.
WAARSCHUWING:
Draag altijd een veiligheidsbril of veiligheidsbril
met zijdelingse bescherming wanneer u met
elektrisch gereedschap werkt. Wanneer u dit niet
in acht neemt, kunnen voorwerpen in de ogen
terechtkomen, wat mogelijks leidt tot ernstige
verwondingen.
WAARSCHUWING:
Gebruik geen hulpstukken of toebehoren die
niet door de fabrikant van dit toestel worden
aangeraden. Het gebruik van hulpstukken of
toebehoren die niet worden aangeraden, kan
leiden tot ernstige persoonlijke verwondingen.
DE GRASKANTMAAIER MET BRANDSTOF VULLEN
EN HERVULLEN
BRANDSTOF VEILIG GEBRUIKEN
Behandel brandstof steeds voorzichtig; het is uiterst
ontvlambaar.
Vul het toestel steeds buiten met brandstof, adem geen
benzinedampen in.
Zorg ervoor dat de brandstof of het smeermiddel niet in
contact komt met de huid. Wanneer er toch huidcontact
is, wast u zich meteen met veel water en zeep.
Zorg ervoor dat de brandstof en het smeermiddel niet
in contact komen met de ogen. Wanneer dit toch het
geval is, was dan de ogen onmiddellijk met proper water
uit. Wanneer de irritatie niet ophoudt, raadpleeg dan
onmiddellijk een dokter.
Ruim gemorste brandstof onmiddellijk op. Voor
bijkomende veiligheidsinformatie verwijzen wij naar
het hoofdstuk 'Brandstof vullen' in het deel 'Specifieke
veiligheidsvoorschriften' van deze gebruiksaanwijzing.
BRANDSTOF MENGEN
Transporteer en bewaar brandstof altijd in een container
die is goedgekeurd voor benzine.
D i t
t o e s t e l
w o r d t
tweetaktmotor en vereist een mengsel van benzine
en tweetaktsmeermiddel. Meng loodvrije benzine met
tweetaktsmeermiddel op voorhand in een propere
container, goedgekeurd voor gebruik met benzine.
Deze motor is gecertificeerd om te werken met loodvrije
benzine, bestemd voor gebruik in motorvoertuigen met
een octaangehalte van 91 of hoger.
NL
PT
SV
DA
a a n g e d r e v e n
d o o r
NO
FI
HU CS RU
G e b r u i k
smeermiddelmengsel van een tankstation; dit bevat een
voorgemengd benzine/smeermiddelmengsel, bestemd
voor gebruik in snorfietsen, bromfietsen, enz.
Gebruik een tweetakt zelfmengsmeermiddel voor
luchtgekoelde motoren van hoge kwaliteit.
Gebruik geen smeermiddel voor auto's of tweetakt
smeermiddel voor buitenboordmotoren.
Meng 2% smeermiddel met de benzine. Dit is een 50:1
verhouding.
Meng de brandstof telkens goed door vooraleer u het
toestel vult.
Meng de brandstof in kleine hoeveelheden. Meng geen
grotere hoeveelheden dan nodig in een periode van
30 dagen. We raden een tweetaktsmeermiddel aan,
voorzien van een brandstofstabilisator.
GEOXYGENEERDE BRANDSTOFFEN
Sommige conventionele brandstoffen worden met alcohol
of een andere component gemengd. Dit type benzine
wordt met de verzamelnaam 'geoxygeneerde brandstof'
benoemd.
Zorg ervoor dat de brandstof loodvrij is en het minimum
octaangehalte bevat indien u een geoxygeneerde
brandstof gebruikt. Probeer de samenstelling van de
brandstof te weten vooraleer u een geoxygeneerde
brandstof gebruikt. Soms is het verplicht deze
informatie op de pomp aan te brengen. De volgende
brandstofsoorten zijn EPA-goedgekeurde percentages
van geoxygeneerde brandstoffen:
Ethanol (ethyl- of graanalcohol) 10%. U mag benzine
gebruiken met ethanolgehalte tot 10%. Ethanolbenzine
kan verkocht worden onder de naam 'gasohol'. Gebruik
geen E85-brandstof.
MTBE (methyl-tert-butylether) 15%. U mag benzine
gebruiken met een MTBE-gehalte tot 15%.
Methanol (methyl- of houtalcohol) 5%. U mag
b e n z i n e g e b r u i k e n m e t e e n m e t h a n o l g e h a l t e
tot 5%, op voorwaarde dat het ook co-solventen en
corrosieremmers bevat ter bescherming van het
brandstofsysteem. Benzine die meer dan 5% methanol
bevat kan start- en/of prestatieproblemen veroorzaken.
Het kan ook de metalen, rubberen of plastic
onderdelen van het toestel of het brandstofsysteem
beschadigen. Wanneer u ongewenste effecten tijdens
de werking van het toestel opmerkt, probeer dan een
ander benzinestation of schakel over naar een ander
e e n
brandstofmerk.
OPMERKING: Schade aan het brandstofsysteem of
prestatieproblemen als gevolg van het gebruik van
geoxygeneerde brandstof die de hierboven aangegeven
waarden overschrijdt, wordt niet door de garantie gedekt.
89
RO PL
SL
HR ET
g e e n
v o o r g e m e n g d
LT
LV
SK BG
b e n z i n e /