93014.15.12
•
Sump Pressure (Carterdruk)(APT): alleen voor units waarvoor het
fabrieksinstelpunt Enable APT (APT inschakelen) is ingeschakeld.
R4–11-units hebben doorgaans geen APT geïnstalleerd.
•
Aftercooler Discharge Pressure (Uitlaatdruk nakoeler) (7APT): alleen bij
units met een geïntegreerde droger (TAS).
Denk eraan dat indien een sensor momenteel een waarde aangeeft
die +/- 10% van het nulbereik ligt, de sensor niet kan worden
gekalibreerd en dat er een waarschuwing in het gebeurtenissenlogboek
wordt geregistreerd . Zorg ervoor dat de sensor eerst aan de
omgevingstemperatuur is blootgesteld voordat u aan de kalibratie
begint .
Map Gebeurtenissen
Pagina 1 tot max . 50
Afbeelding 103 : Map Gebeurtenissen
De pagina's in de map met Gebeurtenissen bevatten de laatste 200
gebeurtenissen die zich voordeden in de controller, en de datum en tijd van
elke gebeurtenis. De gebeurtenissen worden weergegeven in de volgorde,
waar nummer 1 betrekking heeft op de meest recente gebeurtenis en het
nummer 200 op de oudste. Als een nieuwe gebeurtenis plaatsvindt, neemt
deze de eerste positie in de lijst en alle overige gebeurtenissen worden naar
de volgende plaats geschoven.
De paginanummers in de titelbalk zijn bedoeld om door de gebeurtenissen
te bladeren, waarbij elke pagina hooguit zeven gebeurtenissen bevat. Op
pagina één zijn de gebeurtenissen 1 t/m 5 vermeld, op pagina twee worden
de gebeurtenissen 6 t/m 10 vermeld, enz.
De datum en tijd voor de gebeurtenis kunnen worden bekeken door naar de
gebeurtenis te bladeren en op de pijl-rechts op de navigatietoets te drukken.
Om het venster met de datum en tijd te sluiten, drukt u op de toets Enter.
Afbeelding 104 : Map Gebeurtenissen
De volgende items zullen een gebeurtenis genereren.
•
Stroom aan
•
Stroom uit
•
Druk op de startknop
•
Druk op de stopknop
•
Druk op de knop Laden
•
Druk op de knop Lossen
•
De compressor op afstand starten
•
De compressor op afstand stoppen
•
De compressor op afstand belasten
•
De compressor op afstand ontlasten
•
Waarschuwing
•
Uitschakeling
•
Startbeveiliging
80447188 Rev B
Voor actieve waarschuwingen wordt een knipperend
waarschuwingspictogram
weergegeven, terwijl het pictogram voor
bevestigde waarschuwingen continu wordt weergegeven.
Voor actieve uitschakelingen wordt een knipperend uitschakelpictogram
weergegeven, terwijl het pictogram voor bevestigde uitschakelingen
continu wordt weergegeven.
Actieve startbeveiligingen worden opgenomen in de Gebeurtenissenlog,
maar worden niet gemarkeerd in de lijst. Het bericht op het weergavescherm
geeft aan dat de compressor niet klaar is om te starten als een
startbeveiliging nog steeds actief is.
Gebeurtenissenlijst met waarschuwingen
Afscheidingselement vervangen
Schermtekst Xe-70M: Chg Sep Elem (Afscheiderelement vervangen)
Deze melding wordt weergegeven wanneer de unit minimaal 15 seconden
heeft gedraaid, de uitlaatdruk van de compressor minimaal 65 psi is en
de drukval voor de afscheider minimaal 12 psi is. Als de doeldruk lager is
dan 90 psi, zal de waarschuwingswaarde 1 psi met 5 psi verhogen in een
gereduceerde doeldruk. Bijvoorbeeld, als de doeldruk tussen 89 en 85 psi is,
zal de waarschuwing bij 1 psi optreden. Deze situatie moet zich minstens
seconden lang hebben voorgedaan voordat de waarschuwing verschijnt.
Houd er rekening mee dat deze waarschuwing alleen wordt weergegeven
wanneer het instelpunt Enable APT (APT inschakelen) is ingeschakeld.
Hoge uitlaattemperatuur luchteinde
Schermtekst Xe-70M: Hoge Uitlaatt. LE
Deze melding wordt weergegeven als de unit draait en voor 2ATT een
temperatuur wordt gemeten die hoger is dan 221 °F (97% van 228) of
als de unit stationair draait (..7.1) en 2ATT hoger is dan 184 °F. Deze
waarschuwing heeft een vertraging van 90 seconden.
Hoge uitlaatdruk
Schermtekst Xe-70M: High Disch Press (Hoge uitlaatdruk)
Deze melding wordt weergegeven als de unit wordt bestuurd door
een extern apparaat, zoals een systeemcontroller voor de X-serie, en de
uitlaatdruk gedurende drie seconden hoger is dan de druk voor een directe
stop. Op dat moment zal de controller de compressor ontlasten totdat de
uitlaatdruk van de compressor lager is dan de ingestelde doeldruk.
Service
Onderhoudswaarschuwingen verschijnen nadat de unit een aantal uren
heeft gedraaid, gelet op het totale aantal uren. Servicewaarschuwingen
kunnen meerdere niveaus hebben, afhankelijk van het gekozen
serviceniveau. Onderhoudswaarschuwingen worden gedeactiveerd door
onderhoudsniveau 0 te selecteren.
Onderhoudsniveau 1
Schermtekst Xe-70M: Svc Required (Onderhoud vereist)
Als het onderhoudsniveau 1 is geselecteerd voor de unit, verschijnt
gedurende het aantal bedrijfsuren voor Service Time Period (Service-
interval) de waarschuwing 'SERVICE REQUIRED' (ONDERHOUD VEREIST).
Deze waarschuwing kan worden gereset op dezelfde manier als alle andere
waarschuwingen.
Onderhoudsniveau 2
Schermtekst Xe-70M: 100 hours to Svc (100 uur tot onderhoud), SVC Required
(Onderhoud vereist), Service Alarm (Onderhoudsalarm)
Als het onderhoudsniveau 2 is geselecteerd voor de unit, zal de
fabrieksinstelling 'onderhoud compleet' worden gebruikt om een
niveau 2 waarschuwing te wissen en de onderhoudstijd of -datum
te resetten. Onderhoud compleet' kan worden gereset voordat een
onderhoudswaarschuwing is verschenen.
De eerste waarschuwing 'SERVICE REQUIRED' (ONDERHOUD VEREIST) wordt
weergegeven bij de totale uurwaarde voor het ingestelde service-interval.
100 uur daarvoor zal echter een waarschuwing met de tekst '100 HOURS
TO SERVICE' (100 UUR TOT ONDERHOUD) op het scherm verschijnen. Deze
waarschuwing kan worden gereset op dezelfde manier als alle andere
waarschuwingen. 100 uur later, als de totaal ingestelde tijd in uren is bereikt,
verschijnt de waarschuwing 'SERVICE REQUIRED' (ONDERHOUD VEREIST).
NL
NL-51