93014.15.12
De compressor betreft een schroefkoelcompressor, aangestuurd door middel
van een elektrische motor, voorzien van alle benodigde onderdelen in de
vorm van buizen, bedrading en geleverd op een ondersteunende sokkel. Het
betreft een volledig ingesloten luchtcomressieunit.
De standaard compressor is geschikt voor gebruik in ruimtes met
omgevingstemperatuur tussen 1.7° C to 46° C (5° F to 115° F)De standaard
maximumtemperatuur van 46° C (115° F) is van toepassing op hoogtes
van 1000 m (280 ft) boven het zeeniveau. Boven deze hoogte zijn grote
verminderingen in omgevingstemperatuur vereist wanneer de standaard
motor moet worden gebruikt.
De compressor wordt gecontrolleerd door middel van een ingebouwd
elektronisch controletoestel. Deze controlleur en aandrijfsysteem
functioneren gezamenlijk om de snelheid van de compressor te wijzigen
zodat de gecomprimeerde lucht onder de gewenste druk geleverd kan
worden.
Voor vaste snelheidsmodellen (FS) wordt de capaciteit automatisch
gestuurd via 'ON-OFF LINE' . De compressor zal werken om een ingestelde
afvoerlijndruk te behouden en is voorzien van een automatisch
herstartsysteem voor gebruik in fabrieken waar de persluchtvraag erg
verscheiden is.
Er is paneelinstrumentatie voorzien om de werkingsvoorwaarden en de
algemene status van de compressor aan te geven.
Het mengsel lucht/koelmiddel wordt van de compressor afgevoerd naar
het scheidingssysteem. Dit systeem verwijdert al het koelmiddel (behalve
enkele ppm) uit de afvoerlucht. Het koelmiddel wordt teruggevoerd naar het
koelsysteem en de lucht gaat door de nakoeler en verlaat de compressor via
de vochtscheider.
Lucht wordt in de compressor geblazen via de koelventilator en door de
koelmiddelkoeler en de nakoeler.
Door de uitlaatlucht te koelen, wordt grote hoeveelheid waterdamp die
van nature in de lucht zit in condens omgevormd en afgevoerd door de
ingebouwde vochtseparator en het drainagesysteem.
Het koelsysteem bestaat uit een carter, koeler, thermostaatklep en een
filter. Als de unit in bedrijf is, wordt het koelmiddel door de perslucht vanuit
de afscheidingstank naar het thermostaatelement geforceerd. De positie
van het element bepaalt (aan de hand van de koelmiddeltemperatuur) of
het koelmiddel door de koeler of om de koeler heen wordt gecirculeerd,
of dat de twee stromingen worden gemengd om een optimale
compressortemperatuur te handhaven. Deze temperatuur wordt onder
controle gehouden om te verhinderen dat de waterdamp condenseert.
Doordat het koelmiddel op voldoende hoge temperatuur ingespoten
wordt, blijft de temperatuur van het koelmiddel voor uitlaatlucht boven het
douwpunt.
Voor VSD werd het systeem uitgebreid met een stuurelektronica die
de snelheid van de koelventilator aanpast in functie van de inlaat en
uitlaattemperaturen en bijgevolg de injectietemperatuur nog beter bewaakt
terwijl tegelijk energie wordt bespaard.
De compressor is uitgerust met een temperatuursensor die de eenheid zal
uitschakelen wanneer de temperatuur te hoog wordt. Deze temperatuur is
normaliter 109° C (228° F).
Er kan een efficiënte koelmiddelfiltering worden voorzien door gebruik
te maken van een opschroefbare koelmiddelfilter voor veeleisende
toepassingen.
80447188 Rev B
ALGEMENE INFORMATIE
FS-compressoren (met vaste snelheid) mogen niet worden
aangesloten op een VSD-compressor . Neem contact op met uw lokale
Ingersoll Rand-vertegenwoordiger voor u de omschakeling maakt
naar een ander gebruik .
Tijdens perioden met minder belasting bereikt de compressor
die onder de vaste snelheid draait zijn normale werktemperatuur
mogelijk niet . Onafgebroken werk tijdens de perioden met minder
belasting leidt tot de toename van condens in het koelmiddel . Als
dat gebeurt, kan de smeerkwaliteit van het koelmiddel minder goed
worden waardoor de schade aan de compressor ontstaat .
DE COMPRESSOR MOET REGELMATIG BIJ VOLLAST WORDEN
GEBRUIKT .
Werking van geïntegreerde droger
De droger draait niet in de standaard modus. U moet de stopknop indrukken
om de droger af te sluiten.
In de energoebesparende modus kan de droger maximaal 6 minuten werken
voordat deze automatisch wordt stopgezet tijdens de Start/Stop modus
van het compressorhuis. Let op: de droger kan gedurende een langere tijd
uitgeschakeld worden als de compressor terug op gang moet komen.
Als ISO klasse 4 dauwpuntnormen van kritiek belang zijn voor uw
toepassing, dient u de compressor eerst gedurende een minuut in
de lossen-modus (vaste snelheid), of in de leegmodus (variabele
snelheid) te laten draaien zodat de droger op het vereiste dauwpunt
kan komen alvorens de compressor de gecomprimeerde lucht begint
te produceren .
OPMERKING
OPGELET
OPMERKING
NL
NL-11