2. Uitgangspunten van de werking
Het systeem bestaat uit een Airbagregeleenheid (5) met ingebouwde sensoren (Figuur 1).
Het sensorencluster van de Airbagregeleenheid (5) bestaat uit 1 drieassige versnellingsmeter
en 1 drieassige gyroscoop die in de rugbescherming (4) zijn geplaatst. Deze sensoren
controleren het lichaam van de gebruiker op schokken of onverwachte bewegingen. In het
geval dat het lichaam van de gebruiker wordt blootgesteld aan een hoge en/of plotselinge
hoeveelheid energie, zal het systeem in werking treden. Dit kan gebeuren wanneer de
motorfiets betrokken raakt bij een ongeval, zoals wanneer de motorfiets in botsing komt
met een ander voertuig of met een voorwerp, wanneer de bestuurder de controle over de
motorfiets verliest of wanneer de bestuurder van de motorfiets valt.
Het Systeem is uitgerust met een Bluetooth Low Energy (BLE) -apparaat in de elektronische
regeleenheid (ECU). Met BLE kan het systeem rechtstreeks verbinding maken met een
mobiele telefoon om belangrijke informatie van het systeem te ontvangen, terwijl de
gebruikers ook toegang hebben tot een aantal andere functies (voor meer informatie, zie
hoofdstuk 10 "Tech-Air
App om te werken, het functioneert onafhankelijk van de Tech-Air
Om het systeem via Bluetooth met de mobiele telefoon te verbinden, moet u de
Bluetooth-functie in de instellingen van uw telefoon activeren en de Tech-Air
downloaden, die beschikbaar is in de Android Play Store of de Apple App Store.
Gebruikers moeten altijd de App controleren om er zeker van te zijn dat het systeem
de meest recente softwareversie op hun Airbagsysteem gebruikt. Wanneer er een
nieuwe software-update wordt uitgebracht, ontvangt de gebruiker een Tech-Air
App melding.
(Voorkant)
App"). Het systeem hoeft NIET verbonden te zijn met de Tech-Air
®
Sensoren
Afbeelding 1 - Locatie van sensoren
App.
®
(Terug)
®
App
®
®
7 NL