Gebruiksaanwijzing voor de gebruiker
10.5. Saunamodus starten
1. Selecteer door indrukken van de modustoets D het temperatuurpictogram
5. Druk vervolgens kort op de aan-/uittoets A.
► De saunakachel wordt ingeschakeld.
2. Stel met de plus-toets B en min-toets C de gewenste temperatuur in.
► De weergave 1 toont enkele seconden de gewenste temperatuur.
► Afhankelijk van de instelling (zie: „Temperatuur-/vochtigheidsweergave
(werkelijke/ingestelde waarde)" op pagina 31) toont de weergave
1 vervolgens de werkelijke waarde (standaardinstelling) of de gewenste
waarde.
10.6. Saunamodus uitschakelen
● Selecteer door op modustoets D te drukken het temperatuurpictogram 5.
Druk vervolgens kort op de aan-/uittoets A.
► De saunakachel wordt uitgeschakeld.
► De weergave 1 toont „oFF"
10.7. Combimodus starten (alleen Pro D3 / Pro D3i)
1. Selecteer door indrukken van de modustoets D het temperatuurpictogram
5. Druk vervolgens kort op de aan-/uittoets A.
► De saunakachel wordt ingeschakeld.
2. Stel met de plus-toets B en min-toets C de gewenste temperatuur in.
► De weergave 1 toont enkele seconden de gewenste temperatuur.
► Afhankelijk van de instelling (zie: „Temperatuur-/vochtigheidsweergave
(werkelijke/ingestelde waarde)" op pagina 31) toont de weergave
1 vervolgens de werkelijke waarde (standaardinstelling) of de gewenste
waarde.
3. Selecteer door indrukken van de modustoets D het vochtigheidspictogram
6. Druk vervolgens kort op de aan-/uittoets A.
► De verdamper wordt ingeschakeld.
4. Stel met de plus-toets B en min-toets C de gewenste vochtigheid in.
► De weergave 1 toont enkele seconden de gewenste vochtigheid.
► Afhankelijk van de instelling (zie: „Temperatuur-/vochtigheidsweergave
(werkelijke/ingestelde waarde)" op pagina 31) toont de weergave
1 vervolgens de werkelijke waarde (standaardinstelling) of de gewenste
waarde.
Pag. 43/62
NL