7. Voor de ingebruikname
m LET OP! Start de motor pas als de kettingzaag
volledig is gemonteerd en gecontroleerd.
m LET OP! Draag bij het gebruik van de zaagket-
ting of tijdens het instellen handschoenen met
een hoge sterktegraad.
Monteer het geleideblad en de zaagketting
(afb. 3-6)
Open de verpakking en monteer de geleideblad en
de zaagketting als volgt:
1. Druk de voorste handbescherming (3) naar ach-
teren (afb. 14/pos. 3a) zodat de kettingrem wordt
gedeactiveerd.
2. Draai de twee moeren (B) los en verwijder de be-
huizingsdeksel kettingaandrijving (17).
3. Montage van de klauwaanslag (afb. 3)
Plaats de klauwaanslag (19) in de uitsparingen
van de behuizing (zie afb. 3) en bevestig deze
met de 2 bevestigingsschroeven (19a). Gebruik
het gereedschap dat bij het montagegereed-
schap (10) is geleverd.
4. Schuif de zaagketting om het wiel van de zaag-
ketting. Schuif vervolgens de zaagketting om
de geleideblad. Neem de inbouwrichting van de
zaagketting in acht. (Afb. 4-5)
5. Steek de spanschroef van de zaagketting (Z) in
het onderste gat van de geleideblad (Y). (afb. 4)
6. Monteer de behuizingsdeksel kettingaandrijving
(17) en haal de moeren (B) met de hand aan.
Inbouwrichting van de zaagketting (zie afb. 5)
Spannen van de zaagketting (afb. 6-8)
1. Houd het voorste gedeelte van de geleideblad
met de hand vast.
2. Stel de spanning van de zaagketting in met be-
hulp van de spanschroef (C) zodat de zaagketting
volledig in contact is met het geleideblad, maar
niet onder grote spanning staat.
3. Haal de voorgemonteerde bevestigingsmoer (B)
voor het geleideblad met de bougiesleutel (ca.
12-15 Nm) aan.
4. Controleer met de hand of de zaagketting soe-
pel op het geleideblad loopt en de juiste spanning
heeft.
5. Indien nodig, moet de spanning van de zaagket-
ting nader worden afgesteld.
Als de ketting moet worden nagespannen.
Instellen van de kettingspanning
De juiste spanning van de zaagketting is van groot
belang en moet voor aanvang van de werkzaamhe-
den en regelmatig bij alle zaagwerkzaamheden wor-
90 | NL
den gecontroleerd. Als u de tijd neemt, om de zaag-
ketting juist in te stellen, verbetert u het zaagresul-
taat en krijgt de ketting een langere levensduur.
m AANWIJZING
Als de zaagketting te los of te strak is, raken het aan-
drijfwiel, geleideblad en het lager van de zuigeras
versleten.
m AANWIJZING
Een nieuwe zaagketting rekt nog uit, zodat u deze na
ca. 5 zaagsnedes opnieuw moet afstellen. Dit is nor-
maal bij nieuwe zaagkettingen en het interval van in-
stellingen in de toekomst nemen steeds minder tijd
in beslag.
Brandstof en kettingzaagolie
m LET OP! Brandstof- en kettingzaagolie is zeer
ontvlambaar. Rook niet en stel het apparaat niet
bloot aan vlammen, wanneer u het gebruikt.
Brandstof
Voor de beste resultaten gebruikt u normale loodvrije
brandstof (max. 5% bio-ethanol) gemengd met spe-
ciale 2-takt olie.
Brandstofmengsel
Meng in een geschikt reservoir het brandstof met
2-takt olie. Schud het reservoir om alles zorgvuldig
te mengen.
m LET OP! Gebruik voor deze kettingzaag nooit zui-
vere benzine. De motor raakt hierdoor beschadigd
en u verliest enige aanspraak op garantie voor dit
product. Gebruik geen brandstofmengsel dat langer
dan 90 dagen is opgeslagen geweest.
m LET OP! Er moet speciale 2-takt olie voor luchtge-
koelde 2-taktmotoren met een mengverhouding van
40:1 worden gebruikt. Onvoldoende oliën beschadigt
de motor en u verliest daarmee enige aanspraak op
garantie voor de motor.
BRANDSTOFMENGTABEL
Mengverhouding: 40 delen benzine op 1 deel 2-tak-
tolie.
Benzine
1 liter
5 liter
Start of gebruik de zaag nooit als de ketting en de
kettingremhendel resp. de voorste handgreep niet
conform de voorschriften zijn geïnstalleerd.
www.scheppach.com
2-takt-olie
25 ml
125 ml