Geleideblad
• Keer het geleideblad elke 8 uur om een gelijkma-
tige slijtage te kunnen waarborgen.
Zaagketting
Zaagketting spannen
Controleer regelmatig de kettingspanning en stel de-
ze zo nodig af zodat de zaagketting goed tegen het
geleideblad ligt, maar nog los genoeg is om met de
hand aangetrokken te kunnen worden (afb.8).
Laten inlopen van een nieuwe zaagketting
Een nieuwe zaagketting en geleideblad moet na
max. 5 zaagsnedes opnieuw worden afgesteld. Dit is
normaal tijdens de inloopperiode. De afstelinterval-
len worden daarna groter.
Oliën van de zaagketting
Controleer altijd of de automatische smering van de
zaagketting correct functioneert. Zorg ervoor dat de
olietank altijd is gevuld.
Tijdens het zagen moeten de geleidebladen en de
zaagketting altijd voldoende geolied zijn om de wrij-
ving met het geleidebladen te beperken.
De geleidebladen en de zaagketting mogen nooit zon-
der functionerende smering in bedrijf worden geno-
men. Gebruik de kettingzaag droog of met wat olie, als
de zaagprestatie vermindert, de levensduur van het ge-
leideblad korter wordt, de zaagketting snel stomp wordt
en het geleideblad snel versleten raakt door oververhit-
ting. Te weinig olie is te herkennen aan de rookontwik-
keling of de verkleuring van de geleidebladen. Contro-
leer altijd bij een licht vlak de olienevel waarbij de ket-
tingzaag bij volgas in de richting van dit vlak wijst.
Onderhoud van de ketting
Slijpen van de ketting
Voor het slijpen van de ketting is speciaal gereedschap
nodig om ervoor te zorgen dat de snijgereedschappen
onder de juiste hoek en tot de juiste diepte worden ge-
slepen. Wij raden onervaren gebruikers van kettingza-
gen aan om de zaagketting door een specialist bij de
dichtstbijzijnde klantenservice te laten slijpen.
Als u er zeker van bent dat u uw eigen zaagketting
kunt slijpen, koop dan het speciale gereedschap bij
een professionele klantenservice.
Draag veiligheidshandschoenen als u de ketting gaat
slijpen. Na het slijpen moeten alle snijschakels de-
zelfde breedte en lengte hebben.
94 | NL
m AANWIJZING
Een scherpe ketting produceert mooie spaanders.
Wanneer de ketting zaagsel begint te produceren,
moet deze worden geslepen. Wanneer het snijge-
reedschap 3 tot 4 keer is geslepen, moet u de hoogte
van de dieptebegrenzers controleren. Zo nodig moet
u ze met een platte vijl verlagen en vervolgens de
voorhoek afronden.
m LET OP! Het is belangrijk dat de zaagketting altijd
scherp is om een soepele en veilige werking van de
machine te garanderen. De zaagketting moet wor-
den geslepen als:
• Zaagsel stoffig is.
• Als u meer kracht nodig hebt voor het zagen.
• De zaagsnede niet recht is.
• De trilling toeneemt.
• Het brandstofverbruik stijgt.
m AANWIJZING
Wij adviseren om de zaagketting door een vakman te
laten slijpen.
www.scheppach.com