(4) Geef de positie-aanpassingsknop vrij om de positie van
het mondstuk te vergrendelen. (Afb. 7)
Het mondstuk wordt vergrendeld
Wanneer de mondstuk-
aanpassingsknop wordt losgelaten
3. Pas de boordiepte aan
OPMERKING
○ De
maximale
boordiepte
stofafzuigingsysteem is 85 mm.
○ Het stofafzuigingsysteem kan worden gebruikt met
boorbits met diameters van 4,3 –20 mm en een eff ectieve
lengte van 50–100 mm.
Verwijder het stofafzuigingsysteem, bij gebruik van een
boorbit met een diameter groter dan 20 mm.
Druk de diepte-aanpassingsknop in de richting van de
pijl in om de vergrendeling los te maken, beweeg het
mondstuk om de slag gelijk te stellen aan de diepte die
u wilt boren, en geef de diepte-aanpassingsknop vrij, om
de positie te vergrendelen. (Afb. 8)
Slag
(boordiepte)
Diepte-
aanpassingsknop
Afb. 7
bij
gebruik
van
Verplaats om de diepte in te
stellen van het gat dat u wil boren
Terwijl de knop wordt ingedrukt
Vrijgeven
Afb. 8
Wanneer het einde van het mondstuk en de punt van het
boorbit op één lijn staan, is de afstand die het mondstuk
kan bewegen de boordiepte. (Afb. 9)
A
4. Boren
OPMERKING
○ Het stofafzuigingsysteem mag uitsluitend worden
gebruikt bij het boren in beton.
Gebruik het niet tijdens het boren van metaal of hout.
○ Gebruik het stofafzuigingsysteem niet met nat beton of
in een vochtige of natte omgeving. Dit kan leiden tot een
het
storing.
(1) Pak het mondstuk vast met uw hand en trek het een
beetje terug, en lijn de punt van het boorbit uit met het
boorgebied. (Afb. 10)
Boorpunt
Mondstuk
37
Nederlands
A: Boordiepte
Afb. 9
Trek het mondstuk een beetje terug
en lijn de punt van de boorbit uit
met het boorgebied.
Afb. 10