STELSCHROEVEN - De stelschroeven SS werken op
dezelfde manier als op een traditioneel systeem voor
versnellingen. Deze worden gebruikt om in te stellen hoe
ver de derailleur de ketting naar binnen of naar buiten
kan bewegen. Indien zich problemen voordoen met het
bereiken van de hoogste of laagste versnelling, moet de
stelschroef mogelijk worden afgesteld.
INVOEROPENING VOOR
KABEL
VERSNELLINGSHENDEL
EEN NIEUWE KABEL BEVESTIGEN
• Draai het afstelmechanisme voor de loop helemaal naar rechts, zodat het in de kortste stand staat. Draai
het vervolgens in 2 slagen los
• Selecteer de laagste versnelling (1) en druk de versnellingshendel omlaag, zodat deze de invoeropening
voor de kabel niet blokkeert
• Voer de versnellingskabel licht omlaag door de schakelaar en kabelbus
• Trek de kabel iets terug en probeer het opnieuw als u weerstand ervaart tijdens het duwen van de kabel
• Blijf de kabel door de bus voeren totdat u lichte weerstand voelt
• Blijf doorgaan, zodat hij de geleider in de schakelaar volgt en door het afstelmechanisme voor de loop
naar buiten komt.
FORCEER DE KABEL NIET: HIERDOOR KAN DE SCHAKELAAR BESCHADIGD WORDEN
C
NAAR BINNEN
AFSTELMECHANISME
209
SS-1 wordt gebruikt om het grootste
tandwiel op de cassette uit te lijnen.
SS-2 voor de kleinste (Afb. 8).
Afb. 10
KABELBUS
GELEIDER
NAAR BUITEN
SS-1
SS-2
D
Afb. 9