4
R
IJMODUS
Denk eraan dat de bediening van radiogestuurde modelvoertuigen geleidelijk aan geleerd moet worden.
Begin met eenvoudige oefeningen (bv. bochtjes rijden).
-
Gebruik gewone plastic bekertjes als pylonen om een bepaalde route af te bakenen.
-
Maak u vertrouwd met het bochtgedrag van het voertuig.
-
Oefen het sturen terwijl het voertuig naar u toe rijdt!
C
ARROSSERIE AANBRENGEN
Bij het Rex-X Promo Chassis zijn de bevestigingselementen voor de meegeleverde carrosserie reeds voorgemonteerd.
Vóór het plaatsen van de carrosserie moet u gaatjes voor de carrosseriehouder en de antenne boren.
Carrosserie plaatsen
-
Doe gekleurd krijt of langzaam drogende verf op de punten van de carrosseriehouders en
-
plaats de carrosserie zo exact mogelijk op het chassis.
-
Neem de carrosserie er weer af en
-
boor de gaatjes voor de carrosseriebevestigingen op de met verf of krijt gemarkeerde
plaatsen van de carrosserie.
-
Plaats de carrosserie opnieuw en bevestig deze met de splitpennen.
U kunt de splitpennen voor het gemak bovenaan een beetje afschuinen.
-
Bepaal de positie van het antennebuisje op de carrosserie en
-
boor ook hier een gaatje voor de antenne.
-
Breng evt. uitsnijdingen voor de trekstarter, de tanksluiting en de koelkop aan.
4.2
E
FFECT VAN DE RIJSTIJL OP DE VERSCHILLENDE ONDERDELEN
Motor
De 3,5 cc motor van het Buggy Chassis „Rex-X Promo" is luchtgekoeld. Dit betekent dat de rijwind voor de koeling van
de motor moet zorgen (rijwindkoeling).
Vermijd daarom, als het mogelijk is, om het voertuig te versnellen met veelvuldige en heftige wisselingen van de snelheid
(door kort stotend gas te geven vanuit een laag toerentalbereik en vervolgens met rukken het toerental terug te nemen).
De kortstondige hoge toerentallen verhitten de motor zeer zonder dat er een evenredige koeling is door de rijwind zoals
het geval zou zijn bij een constant rijden met een hoog toerental (hoge snelheid). Als gevolg van de oververhitting van de
motor kan de zuiger in de cilinder blijven steken en kan de aandrijving abrupt blokkeren. Hierdoor kan er gevolgschade in
de volledige aandrijving ontstaan.
Als u met lagere snelheid rijdt, rijd dan met een toerental dat overeenkomt met de gewenste snelheid.
Maar: bij een constante langzame snelheid krijgt de motor weliswaar nog koeling door de rijwind, maar kan er schade aan
de koppeling (slijtage, oververhitting door slippende koppeling) ontstaan.
Koppeling
Het vermogen van de motor wordt via het middendifferentieel op de aandrijving overgebracht.
-
Bij een stationair toerental pakt de koppeling nog niet en het modelvoertuig blijft met een draaiende motor staan.
-
Bij een langzame verhoging van het toerental "slipt" de koppeling, het voertuig begint te rijden resp. rijdt langzaam.
Net als bij een gewone personenauto kan een langdurig laten slippen van de koppeling ertoe leiden dat de
koppelingsbekleding "in rook opgaat" resp. "afbrandt".
-
Pas bij hoge toerentallen van de motor "pakt" de koppeling, het toerental van de motor wordt zonder slippen op de
aandrijving overgedragen. De slijtage van de koppelingsbekleding is nu het kleinst.
-
Veelvuldig heftig wisselen van de snelheid door kort stotend gas te geven en het toerental met een ruk terug te
nemen vermindert eveneens de levensduur van de koppelingsbekleding. Met het kort stotend gas geven en bij het
laten slippen van de koppeling bereikt u weliswaar een langzame rijsnelheid, maar ten koste van de koppeling.
Kogellagers
Het oververhitten van de motor en/of de koppeling heeft ook een effect op de lagers van de koppelingsklok.
Uitlopen en verharsen van het kogellagervet (drooglopen van de lagers) en verschillend uitzetten van de kogels en van
de loopkooi leiden bij te grote oververhitting tot vastlopen van de kogels. Als de kogels niet meer vrij kunnen draaien,
ontstaat er verlies van vermogen door wrijving en daarbij ook extra verhitting van de motoras.
116
Gebruiksaanwijzing 4WD Buggy Chassis Bestel No. 23 30 00
3
V
ORBEREITUNGEN
3.8
S
M
TARTEN DES
OTORS
V
ORBEREITUNGEN
-
Blasen Sie den Motor vor der Inbetriebnahme mit Druckluft aus.
Auf diese Weise stellen Sie sicher, daß der Verbrennungsraum frei von Verunreinigungen ist, die durch den
Kerzensitz in den Motor gelangt sein können.
-
Setzen Sie eine Glühkerze mit dem Wärmewert Mittel - Extra kalt (je nach Treibstoff).
-
Ölen Sie den Luftfilter leicht ein, um auch feinste Staubpartikel auszufiltern
S
TARTEN
Unterbauen Sie das Modell zum Starten so, dass die Räder frei in der Luft hängen und das Hauptzahnrad auf der
Unterseite nicht blockiert wird!
-
Klappen Sie den Tankdeckel auf und füllen Sie den Treibstoff ein.
-
Verwenden Sie eine spezielle Tankflasche, um Verschütten zu vermeiden
Verwenden Sie nur Modelltreibstoff für R/C-Cars!
Niemals Benzin oder Flugmodell-Treibstoff!
Ziehen Sie den Seilzugstarter mehrmals langsam durch (a),
-
um Treibstoff in den Vergaser anzusaugen.
-
Tun Sie das so lange, bis im Spritschlauch (b) keine Luftbläschen mehr
zu sehen sind und der Treibstoff gerade eben in den Vergaser gelangt.
ACHTUNG!
Seilzugstarter nicht bis zum Anschlag, sondern immer nur
etwa 3/4 der Länge herausziehen!
Ermitteln Sie die Länge des Seilzuges durch langsames Herausziehen
ohne Zündung!
Seilzugstarter nie gewaltsam herausziehen!
-
Setzen Sie einen Kerzenstecker mit vollständig
geladenem Startakku auf die Glühkerze auf.
Achten Sie auf festen Sitz!
-
Ziehen Sie jetzt den Seilzugstarter mit Schwung durch, bis der Motor
anspringt, während Sie das Modell mit einer Hand festhalten.
-
Wenn der Motor läuft, lassen Sie den Seilzugstarter los und
nehmen Sie den Kerzenstecker wieder ab.
Lassen Sie den Glühkerzenstecker nur kurz am Motor angeschlossen.
Andernfalls könnte die Glühkerze vorzeitig durchbrennen.
Motor abstellen
-
Unterbinden Sie die Luftzufuhr zum Vergaser,
-
halten Sie den Auspuff mit einem Lappen zu, oder
-
halten Sie die Schwungscheibe des Motors auf der Unterseite des Chassis mit einem Lappen oder mit
Handschuhen an.
Die Kraftstoffzufuhr sollte nicht abgeklemmt werden, da der Motor sonst heißlaufen könnte.
ACHTUNG! Sollte sich der Seilzugstarter nach mehrmaligem erfolglosen Startvorgang nur mit erhöhtem
Kraftaufwand betätigen lassen, ist zuviel Sprit in den Verbrennungsraum und das Kurbelgehäuse gelangt.
Der Motor ist "abgesoffen". Unterlassen Sie weitere Startversuche und entfernen Sie den überschüssigen
Treibstoff um Schäden am Seilzugstarter und Motor zu vermeiden!
Gehen Sie dazu wie folgt vor:
-
Drehen Sie die Hauptdüsennadel im Uhrzeigersinn vorsichtig ganz hinein.
-
Schrauben Sie die Glühkerze aus und prüfen Sie diese auf Glühfunktion
-
Legen Sie einen Lappen auf den Motor und ziehen Sie den Seilzugstarter 5-6 mal (3/4 der Länge!) durch:
der Treibstoff wird herausgepumpt und verdunstet.
-
Setzen Sie die Glühkerze wieder ein und drehen Sie die Hauptdüsennadel drei Umdrehungen gegen den
Uhrzeigersinn wieder heraus.
-
Wiederholen Sie den Startvorgang
Sollte der Motor nicht spätestens beim 10. oder 12. Mal anspringen, gehen Sie erneut vor, wie oben
beschrieben oder versuchen Sie, das Problem mit Hilfe der Fehlersuchtabelle zu beheben!
© REELY 09/06
a
b
17