Service- en onderhoudsinformatie
Service en onderhoud van een medisch hulpmiddel zijn volledig de verantwoordelijkheid van de eigenaar
van dat hulpmiddel.
Wanneer service en onderhoud aan een hulpmiddel niet volgens de instructies worden uitgevoerd, kan de
garantie van het hulpmiddel komen te vervallen. Bovendien kan het niet onderhouden van een hulpmiddel
de klinische toestand of veiligheid van gebruikers en/of hun zorgverleners in gevaar brengen. Voer geen
service en onderhoud uit terwijl de gebruiker in het hulpmiddel zit. Neem indien nodig contact op met uw
plaatselijke dealer voor hulp bij het instellen, gebruiken of onderhouden van het product.
Gebruiksduur
Bij normaal gebruik bedraagt de levensduur van
dit hulpmiddel 8 jaar, mits alle onderhouds- en
reparatiewerkzaamheden worden uitgevoerd
volgens de instructies van de fabrikant en
aantoonbaar zijn uitgevoerd.
Hergebruik
Dit hulpmiddel en de accessoires/componenten
ervan zijn geschikt voor hergebruik.
Renovatie voor hergebruik
Voorafgaand aan hergebruik of als u van gebruiker
verandert, volgt u de onderhoudschecklist, de
instructies voor onderhoud en reiniging, en voert u
regelmatig inspecties uit.
Onderhoudsinterval
De frequentie van inspecties kan afhankelijk van
het gebruik en de slijtage worden gewijzigd. Het
wordt aanbevolen om het hulpmiddel jaarlijks te
inspecteren, telkens wanneer het opnieuw voor
gebruik wordt uitgegeven en na langdurige opslag
(meer dan 4 maanden). De inspectie moet worden
uitgevoerd door een persoon die verstand heeft
van het gebruik van het hulpmiddel.
Onderhoudschecklist:
Controleer het volgende op de beoogde werking
en stel af waar nodig:
• Opvulling.
• Moeren en bouten op het hulpmiddel zijn
aangehaald.
• Controleer bevestigingen en gespen op
tekenen van slijtage aan de onderdelen.
• Inspecteer het hulpmiddel en alle accessoires
en vervang versleten onderdelen vóór gebruik.
• Controleer dat de zwenkwielen goed werken
en vastzitten.
• Zorg ervoor dat de voetsteunen stevig zijn
vastgemaakt.
• controleren of alle etiketten op het hulpmiddel
intact zijn.
Repareer of vervang beschadigde of versleten
onderdelen.
Onderhoud
Aanbevolen vóór elk gebruik:
Resten en vuil van het hulpmiddel te verwijderen
met een doek, warm water en een mild
reinigingsmiddel/zeep zonder chloor en laat
het voor gebruik drogen.
Visuele inspectie uitvoeren op beschadigde
EN
NL
of versleten onderdelen.
Wassen
Hoofdhulpmiddel
Dit hulpmiddel kan gedurende 10 minuten op
60 °C worden gewassen met een mild
reinigingsmiddel in een wasmachine die is
bedoeld voor medische hulpmiddelen. Gebruik de
droogfunctie van de machine om het hulpmiddel
te drogen. Demonteer
alle accessoires en was ze afzonderlijk.
Kantel/draai het hulpmiddel na het wassen
om het water eruit te laten weglopen.
Stoffen en hoezen
De hoes kan in de wasmachine op 60 °C worden
gewassen met een mild wasmiddel.
Separeer schuim en hoes voordat u ze wast.
Schuim
Het wordt niet aanbevolen om de schuimdelen te
wassen.
Handwas
Dit hulpmiddel en de accessoires kunnen ook met
de hand worden gewassen. Gebruik warm water
en een mild reinigingsmiddel/zeep zonder chloor
en laat alle onderdelen drogen alvorens ze te
gebruiken.
Desinfectie
Het hulpmiddel kan worden gedesinfecteerd met
een IPA-desinfectieoplossing van 70%. Het wordt
aanbevolen om resten en vuil van het hulpmiddel
te verwijderen met een doek, warm water en
een mild reinigingsmiddel/zeep zonder chloor
en het hulpmiddel te laten drogen voordat u het
desinfecteert.
Materialen
• Roestvrij staal
• Aluminium
• Kunststof
• Rubber
• Polyurethaan
• Neopreen
• Polyester
• Staal
• Messing
Oppervlaktebehandeling
Ter bescherming tegen corrosie zijn de volgende
oppervlaktebehandelingen toegepast:
74
etac.com