2.9 Verantwoordelijkheid van de exploitant
De besturing wordt in de privéomgeving ingezet.
De exploitant moet:
•
geïnstrueerd zijn in de hantering.
•
deze bedieningshandleiding – in het bijzonder het veiligheidshoofdstuk en de waarschuwingen –
gelezen en begrepen hebben.
•
om veiligheidsredenen een lekschakelaar in de spanningsvoeding inbouwen.
•
om veiligheidsredenen een hoofd(noodstop)schakelaar in de spanningsvoeding inbouwen.
2.10 Persoonlijke beschermingsmiddelen
Tijdens de werkzaamheden is het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen vereist om de gevaren
voor de gezondheid te minimaliseren.
•
De noodzakelijke beschermingsmiddelen tijdens de werkzaamheden steeds dragen.
•
Bordjes inzake de persoonlijke beschermingsmiddelen in de werkomgeving in acht nemen.
Bij alle werkzaamheden moeten principieel de volgende beschermingsmiddelen gedragen worden:
2.11 Gedrag in geval van gevaren en bij ongevallen
In een noodgeval: correct handelen
•
Besturing onmiddellijk buiten werking stellen en van de stroomtoevoer scheiden.
•
Indien gevaar voor de eigen gezondheid uitgesloten is, personen uit de gevarenzone halen.
•
EHBO-maatregelen treffen.
•
Arts en/of brandweer alarmeren.
•
Verantwoordelijke op de plaats van gebruik informeren.
•
Toegangswegen voor reddingsvoertuigen vrijmaken.
Werkveiligheidskleding
Beschrijft nauw aansluitende werkkleding met lage scheurweerstand, met
nauwe mouwen en zonder uitstekende delen.
Geen ringen, kettingen en overige sieraden dragen.
Haarnet dragen!
Veiligheidsschoenen
Ter bescherming tegen zware, vallende onderdelen en tegen uitglijden op een
glibberige ondergrond.
Zwembadbesturing Control 1.3 / Veiligheid
10