Herunterladen Diese Seite drucken

Handicare 1100 Kundendienstanleitung Seite 35

Vorschau ausblenden Andere Handbücher für 1100:
5. UNIT / FRAME
Controleer de unit op noodzakelijke vervanging (zie bijlage D)
5.0
Controleer het frame van de unit op beschadigingen
5.1
Controleer de steun van de accu's op beschadigingen
5.2
Controleer de bevestiging van de band/beugel op de accu's
5.3
Controleer het aanhaalmoment van de bouten (achterzijde van unit) (14 Nm)
5.4
Controleer de borstels op de unit op beschadigingen
5.5
Reinig het gedeelte rond de wielen en lagers, en verwijder al het vuil
5.6
Controleer de wielen en lagers op slijtage
5.7
Controleer of wielen en lagers soepel draaien
5.8
Controleer de veren op vorm, slijtage en werking (veerkracht)
5.9
Controleer de vorm van de bedieningsstangen
5.10
Controleer of de bedieningsstangen soepel bewegen en activeer de schakelaars voor de printplaat
5.11
Controleer de bevestiging van de adapterplaten
5.12
Controleer de printplaat op beschadigingen
5.13
Controleer de werking van de noodeindschakelaars in de unit
5.14
Reinig de borstels op de unit
5.15
Controleer of de wielsetplaat beschadigd is. Vervang de plaat indien deze beschadigd is (zie instructie AA27797)
5.16
Voor de inspectie van dit gedeelte moeten alle verwijderde onderdelen van de lift worden teruggeplaatst.
6. BEDRADING
Controleer de draden op beschadigingen
6.0
Controleer of de bedrading correct is aangebracht
6.1
Controleer de aansluitingen van de aardedraad op het frame, de unit en de rail
6.2
7. STOEL
Controleer of de CE-sticker aanwezig is
7.0
Controleer de stoel op beschadigingen
7.1
Controleer op overmatig geluid
7.2
Controleer de armleuning en de scharnier van de armleuning op beschadigingen
7.3
7.4
Controleer of de joystick correct functioneert en niet is beschadigd
Controleer de werking van de sleutelschakelaar en de aanwezigheid van de reservesleutel
7.5
Controleer de bevestiging van de beugel van de veiligheidsriem en de werking van de veiligheidsriem
7.6
Controleer de mechanische vergrendeling van de stoel
7.7
Controleer de voetenplank op beschadigingen
7.8
Controleer de bevestiging van de voetenplank
7.9
Controleer of de bouten en de borgingsbout onder de zitting aanwezig zijn en goed vastzitten
7.10
Controleer de bevestiging van de stoel
7.11
Controleer op het stoelframe al het laswerk van het draaipunt
7.12
Controleer met een waterpas of de stoel loodrecht staat
7.13
Controleer de werking van de schakelaars aan de armleuning
7.14
Controleer de werking van de stopknop
7.15
Controleer de nauwkeurigheid van de joystick
7.16
Controleer of de detectieschakelaar van de stoelsteun goed werkt
7.17
Controleer of de stoelsteundetectie minder is dan 50 N in opwaartse richting
7.18
Controleer de werking van alle kapdetectieschakelaars
7.19
Controleer of de kapdetectie minder is dan 50 N in beide richtingen
7.20
Controleer de werking van alle detectieschakelaars van de voetenplank
7.21
Controleer of de voetenplankdetectie minder is dan 30 N in 3 richtingen
7.22
Controleer de werking van de schakelaar voor de stoelpositie onder de stoel
7.23
Controleer de werking van de noodeindschakelaars
7.24
Controleer op laadproblemen
7.25
Indien geïnstalleerd, controleer de werking van de OneTouchAssist
7.26
SERVICE MANUAL 33
loading