Herunterladen Diese Seite drucken
11 Met de grasmaaier werken
► Houd het onderste deel van de duwstang (1)
met één hand vast.
De grasmaaier kan niet door zijn eigen
gewicht in de laagste stand vallen.
► Trek de hendel (2) naar het wiel en zet deze in
dezelfde positie als bij het voorwiel.
► Sluit de bougiestekker aan.
11.4
Wielaandrijving inschakelen en
uitschakelen
11.4.1
Wielaandrijving inschakelen
► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐
grond.
► Start de motor.
► Trek de schakelbeugel (1) volledig in de rich‐
ting van de duwstang (2) en houd deze zoda‐
nig vast dat de duim om de duwstang (2) valt.
De grasmaaier zet zich in beweging.
11.4.2
Wielaandrijving uitschakelen
► Laat de schakelbeugel voor wielaandrijving
los.
► Wacht totdat de grasmaaier stilstaat.
0478-111-9972-A
11.5

Maaien en mulchen

► Als met ingeschakelde wielaandrijving wordt
gewerkt: rijd de grasmaaier gecontroleerd
vooruit.
► Als met uitgeschakelde wielaandrijving wordt
gewerkt: duw de grasmaaier langzaam en
gecontroleerd vooruit.
11.6
Uitwerpklep openen en sluiten
11.6.1
Uitwerpklep openen
► De motor uitschakelen.
Het mes mag niet draaien.
► Trek de bougiestekker los.
► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐
grond.
► Maak de bevestiging (1) los.
► Trek de uitwerpklep (2) volledig naar buiten.
► Draai de bevestiging (1) vast.
De uitwerpklep is geopend.
11.6.2
Uitwerpklep sluiten
► De motor uitschakelen.
Het mes mag niet draaien.
► Trek de bougiestekker los.
► Plaats de grasmaaier op een vlakke onder‐
grond.
Nederlands
239

Fehlerbehebung

loading