• Gebruik uitsluitend houtpellets;
• Bewaar de pellets op een droge, niet vochtige plaats;
• Giet nooit de pellets rechtstreeks in de vuurpot;
• Voed de inzethaard uitsluitend met pellets van goede kwaliteit, met een diameter van 6
mm en A1 gecertificeerd, volgens de norm UNI EN ISO 17225-2, het type pellets dat door de
fabrikant wordt aangeraden;
• Alvorens de inzethaard met het stroomnet aan te sluiten, moet u de aansluiting van de
rookafvoerbuizen met de schoorsteenpijp voltooien;
• Het beschermrooster in het pelletreservoir mag nooit verwijderd worden;
• De plaats waarin de inzethaard wordt geïnstalleerd moet voldoende geventileerd zijn;
• HET is verboden om de inzethaard te laten werken als de deur open staat of het glas is
gebroken;
• Gebruik de inzethaard niet als verbrandingsoven; de inzethaard mag alleen worden gebruikt
voor het doel waarvoor hij is ontworpen.
Elk ander gebruik moet als oneigenlijk en dus gevaarlijk worden beschouwd. Plaats geen
andere voorwerpen in het pelletreservoir dan houtpellets;
• Wanneer de inzethaard in bedrijf is, worden de oppervlakken van het glas, het handvat
en de buizen zeer warm: tijdens de werking moeten deze onderdelen voorzichtig en met
geschikte beschermingsmiddelen worden aangeraakt;
• Ontvlambaar materiaal en brandstof moeten op een veilige afstand van de inzethaard
gehouden worden.
Vullen van het pelletreservoir
De pellets worden aan de bovenkant van de in-
zethaard in het reservoir gegoten door het deksel
te openen. Laad pellets in het reservoir. Voor het
gemak de procedure in twee fases uitvoeren:
• Giet de helft van de inhoud in het reservoir en
wacht tot de brandstof op de bodem is gezakt;
• Giet er daarna de tweede helft in;
• Houd het deksel van het brandstofreservoir
steeds gesloten nadat de pellets werden geladen;;
Daar de inzethaard een verwarmingstoestel is, zijn
de externe oppervlakken bijzonder heet. Daarom
is de grootste voorzichtigheid gewenst tijdens de
werking, in het bijzonder:
• Raak de structuur en de onderdelen van de inze-
thaard niet aan, nader de deur niet, deze elemen-
ten brandwonden kunnen veroorzaken;
• Raak de rookafvoerleiding niet aan;
• Voer geen reinigingswerkzaamheden uit;
• De as niet uitnemen;
• De asla niet openen;
• Let op dat kinderen uit de buurt blijven;
Verwijder het beschermrooster nooit
uit het reservoir; vermijd bij het vullen
dat de zak met pellets in contact komt
met de warme oppervlakken.
3