Bouten zijn voorzien van schroefborging en mogen
daarom maar één keer worden gebruikt.
Afdekplaatjes monteren
Een afdekplaatje tegen het huis plaatsen en met 3 bevesti-
gingspennen vastzetten (met een hamer of het handvat van
een schroevendraaier erin tikken).
Positieaanwijzer monteren
Druk de positieaanwijzer in de twee gaten van de aandrijving.
Afbeelding 25
Elektrische bedrading en besturing
De Mover® is alleen geschikt voor aansluiting op 12 V-accu's
(gelijkstroom)!
Vóór aanvang van de werkzaamheden de polen van de
accu en alle externe stroomvoorzieningen losmaken.
Als u onzeker bent over de elektrische aansluiting kunt u een
gekwalificeerd auto-elektricien vragen de aansluiting aan te
leggen.
De elektrische installatie moet aan de technische en wettelijke
bepalingen van het land van gebruik voldoen (bijv. EN 1648 -1).
Nationale voorschriften en regelingen moeten worden
nageleefd.
Op elke motor zijn twee vermogenskabels voor de tractiemo-
tor (10 mm²) voorgemonteerd. De betreffende aansluitkabels
van de motor markeren (motor A of B – zie ook aansluitsche-
ma) en provisorisch op de caravanondervloer naar de beoog-
de montageplaats van de besturing leggen. Een geschikte
plek voor de besturingen is bijv. een bergruimte onder een
bed in de directe omgeving van het rangeersysteem met een
minimumafstand tot de accu van 40 cm.
De besturingen in de bergruimte plaatsen en bevestigen met
de bijgeleverde spaanplaatschroeven (5 x 16).
Op een afstand van ca. 150 mm van de aansluitstrip van de
besturing een gat met Ø 25 mm op de caravanvloer markeren
voor de doorvoer van de kabelstrengen.
Vóór het boren op zich eronder bevindende chassisde-
len, gas- en elektrische leidingen letten!
Gat boren, kabels door de caravanvloer naar de besturing lei-
den en zodanig aanleggen dat deze (met name bij doorvoeren
bij metalen wanden) niet kunnen schuren. Gebruik hiervoor
de bijgeleverde kabelbeschermers om beschadigingen aan de
kabels te vermijden.
De tractiemotoren bewegen tijdens de werking. Ter
compensatie de kabels ter hoogte hiervan los met eni-
ge speling bevestigen, om uitrekken van de kabels te vermij-
den. Er mogen geen kabels over de besturing worden gelegd!
Kabels m.b.v. de bijgeleverde klemmen en schroeven aan het
chassis resp. de ondervloer bevestigen.
Het gat in de voertuigbodem afdichten met plastische
carrosseriekit.
60
Aansluitschema
Voorste
aanzwenk-
motoren
paar motoren
BUS
– +
– +
r
A
aanzicht
van boven
B
A
A
B
aanzwenk-
Achterste
motoren
paar motoren
BUS
– +
r
B
Afbeelding 26
Aansluiting scheidingsschakelaar
Let op juiste aansluiting van de polen. Het verkeerdom
aansluiten van de polen leidt tot beschadiging van de
elektronica / besturingen.
Breng zekeringhouder (2) met behulp van de bijgeleverde
kabel tussen de pluspool van de accu en de scheidingsscha-
kelaar (3) aan (9±1 Nm).
Leg vanaf de scheidingsschakelaar (3) 1 kabel naar elk van de
besturingen (4, 4a) en sluit ze op de pluspool van de besturin-
gen aan.
Schroef de twee minkabels van de accu (1) vast op de minpo-
len van de besturingen (4, 4a).
1
4
Afbeelding 27
MASTER
tractie-
tractie-
zekering
motor
motor
veiligheids-
accu
contact
–
+
4
3
2
+
–
+
r
A
B
B
scheidings-
schakelaar
veiligheids-
stopcontact
-
+
SLAVE
tractie-
tractie-
zekering
motor
motor
veiligheids-
accu
contact
–
+
– +
4
3
2
–
+
–
r
B
A
A
3
2
9±1 Nm
4a
1
–
1
+