9
Gaartabel
De gegevens in de tabel zijn richtwaarden. De precieze gaartijd is afhankelijk van de versheid, de grootte van de
levensmiddelen, het soort bereiding evenals je persoonlijke smaak.
Hoe kleiner de levensmiddelen zijn gesneden, des te korter is de gaarduur; hoe meer levensmiddelen u gaar laat
worden, des te langer is de gaarduur. De gaarduur varieert afhankelijk van of de levensmiddelen direct in het water
worden gegaard of dat u het stoominzet gebruikt. Bij stoomgaren moet de gaarduur iets worden verlengd.
Bevroren levensmiddelen hebben een iets langere gaarduur dan verse.
Vlees
IJsbeen
Goulash
Gehakt
Gevogelte
Kalfsgebraad
Kippenragout
Rosbief
Ribbetje
Varkensgebraad
Reebout
Vis
Gestoomde vis
Vis in wittewijnsaus
Schaaldieren
Groenten
Bloemkool
Sperziebonen
Wortelen
Paddenstoelen
Rode bieten
Koolsoorten
Spinazie
Bonen
Aardappelen
In de schil
gekookte
aardappelen
Selderij
Als richtwaarde voor rijst en andere graansoorten is het raadzaam om per kop rijst 3 koppen vloeistof te gebruiken.
Rijst en graan zwellen tijdens het kookproces ca.
Om te sterk schuimen tijdens het gaarproces te vermijden, dient per kop rijst 1 eetlepel boter of plantaardige olie te
worden toegevoegd. Indien gewenst, kunt u ook al zout aan de rijst toevoegen.
Zodra het gaarproces is beëindigd, dient het resterende water snel te worden afgegoten.
68
Gaarstand 1
Gaarstand 2
30 – 40 min
15 – 20 min
5 – 10 min
20 – 25 min
15 – 20 min
40 – 50 min
10 – 12 min
25 – 30 min
25 – 30 min
Gaarstand 1
Gaarstand 2
6 – 8 min
6 – 8 min
4 – 6 min
Gaarstand 1
Gaarstand 2
3 – 7 min
3 – 5 min
3 – 7 min
6 – 8 min
15 – 25 min
5 – 15 min
3 – 4 min
6 – 10 min
6 – 8 min
6 – 12 min
12 – 15 min
De gaartijden zijn richtwaarden; de precieze gaarduur hangt
af van de mate van rijpheid, de uitgangstemperatuur van
het vlees evenals de grootte en hoeveelheid van de stukken
vlees. Voor een vol aroma adviseren wij om het vlees eerst
zonder deksel snel aan te braden, bij grotere hoeveelheden
per portie en dan de noodzakelijke hoeveelheid vloeistof
toe te voegen en aansluitend met druk gaar te laten worden.
Let op:
Bij het koken van vlees, met name met huid, kan dit onder
5 min
druk opzwellen. Prik niet in het vlees; er kan vloeistof of vet
uitspatten. Bij het koken van worstjes prikt u deze voor het
gaar laten worden aan, zodat het vet kan ontsnappen en
deze niet openbarsten.
Kook vis altijd met een voldoende hoeveelheid vloeistof,
omdat het in de vis aanwezige eiwit zich op de bodem van
de pan kan vastzetten. Daarom dient het deksel van
de snelkookpan te worden geopend meteen nadat het
veiligheidsventiel is gedaald.
Het is raadzaam om het kookniveau te controleren voor
het einde van de eigenlijke kooktijd, zodat de groenten
knapperig blijven. Als de gewenste beetvastheid nog niet
is bereikt, verleng het kookproces dienovereenkomstig.
Om onbedoeld verder koken te voorkomen, raden we aan
het kookproces snel te beëindigen zoals beschreven in
hoofdstuk 8 Varianten voor het aflaten van stoom, variant 3.
1
⁄
op. Daarom mag de pan maximaal tot
3
1
⁄
worden gevuld.
2