CONTRA-INDICATIES
Geen, voor zover bekend.
WAARSCHUWINGEN
De Melker acute cricothyreotomiekatheterset met cuff is niet specifiek
bestemd voor pediatrische toepassingen. De behandelend arts moet bepalen
of dit product bij kinderen kan worden gebruikt. Er dient rekening te worden
gehouden met de volgende medische en anatomische condities en/of
therapieën:
• anatomische vervorming
• subcutaan abces
• hematoom
• littekenvorming/bestraling
• coagulopathie of systemische trombolysetherapie
VOORZORGSMAATREGELEN
• Dit product is bestemd voor gebruik door artsen met een opleiding
in en ervaring met de gepaste acute luchtwegtechnieken. Er moeten
standaardtechnieken (voor noodsituaties) worden toegepast voor een
chirurgische cricothyreotomie.
• Het is mogelijk dat bij patiënten die een cricothyreotomie nodig hebben,
significant letsel aan de ruggengraat aanwezig is. Bij patiënten die
significante trauma hebben opgelopen, moeten de halswervels, indien
mogelijk, worden geïmmobiliseerd gedurende de ingreep.
• Waar mogelijk en toepasselijk dienen een aseptische techniek en een
lokaal anestheticum voor de procedure te worden gebruikt.
GEBRUIKSAANWIJZING
Chirurgische techniek
1. Stel vast waar het membrana cricothyroidea zich tussen het cartilago
cricoidea en het cartilago thyroidea bevindt.
2. Zorg dat de larynx stevig is geïmmobiliseerd en maak een verticale
incisie in de middellijn, neerwaarts tot de diepte van de larynxstructuren.
(Afb. 1)
3. Maak een horizontale membraanincisie bij de onderrand van het
membrana cricothyroidea. (Afb. 2) NB: De wijsvinger kan opzij worden
bewogen of in de wond blijven en de onderrand van het cartilago
thyroidea palperen om het scalpel naar het membraan te leiden. NB: Een
lage incisie in het membrana cricothyroidea ontwijkt de arteriae thyroideae
superioris, die dwars langs de top van het membraan lopen.
4. Breng het tracheahaakje dwars gericht in. Oefen na inbrenging tractie
in de richting van het hoofd uit op de onderrand van het cartilago
thyroidea. (Afb. 3)
5. Breng de Trousseau dilatator een stukje in de incisie in en maak de
opening verticaal groter. (Afb. 4)
6. Voer de handgreepdilatator met de stompe tip (met het stompe uiteinde
eerst) in het connectoruiteinde van de luchtwegkatheter op totdat de
handgreep tegen de connector rust. (Afb. 5)
NB: Deze stap kan voorafgaand aan de procedure worden uitgevoerd. Als
op het oppervlak van de dilatator glijmiddel wordt aangebracht, kan de
acute luchtwegkatheter wellicht gemakkelijker ingebracht en geplaatst
worden.
7. Breng het acute luchtwegtoegangssysteem met cuff tussen de bladen
van de Trousseau dilatator in tot in de luchtweg. Draai de Trousseau
dilatator 90 graden linksom terwijl het systeem tussen de bladen wordt
geschoven. Hierbij worden de bladen in de lengte in de luchtweg gericht,
wat de passage van het luchtwegsysteem vergemakkelijkt. (Afb. 6)
8. Breng het acute luchtwegtoegangssysteem met cuff volledig in.
9. Verwijder de dilatator en de instrumenten. (Afb. 7)
10. Inflateer de cuff met een spuit; een volume van 8 à 10 ml in de cuff geeft
een cuffdiameter van 22 à 29 mm. (Afb. 8) De wijze van inflateren en
deflateren wordt aan de arts overgelaten.
WAARSCHUWING: Inflatie van de cuff met meer dan 20 ml wordt
afgeraden.
11. Fixeer de acute luchtwegkatheter op standaardwijze met het
tracheostomiefixatielint.
12. Sluit de acute luchtwegkatheter met zijn standaardconnector van 15 mm
aan op een geschikt beademingshulpmiddel.
WIJZE VAN LEVERING
Wordt steriel (gesteriliseerd met ethyleenoxide) in gemakkelijk open te
trekken verpakkingen geleverd. Bestemd voor eenmalig gebruik. Steriel
indien de verpakking ongeopend en onbeschadigd is. Gebruik het product
niet indien er twijfel bestaat over de steriliteit van het product. Koel, donker
en droog bewaren. Vermijd langdurige blootstelling aan licht. Inspecteer het
product nadat het uit de verpakking is genomen om te controleren of het niet
beschadigd is.
LITERATUUR
Deze gebruiksaanwijzing is gebaseerd op de ervaringen van artsen en/of
hun gepubliceerde literatuur. Neem contact op met uw plaatselijke Cook
vertegenwoordiger voor informatie over beschikbare literatuur.
13