g
ebruiksaanWijzing
3.8 Verlichting
De voor- en achterverlichting en de displayverlichting worden aan- en uitgeschakeld op de RIDE+
controller of Remote. Zelfs als de accustatus 'leeg' aanduidt, is er toch nog voldoende energie
over om de verlichting ongeveer twee uur te laten branden. De onboard software zorgt ervoor
dat, zo lang de fiets rijdt, de verlichting onbeperkt kan blijven branden door de dynamofunctie
van de motor als stroombron te gebruiken.
WAARSCHUWING. Fiets niet op een elektrische fiets zonder accu. De accu moet op de elektrische
fiets aanwezig zijn om de verlichting te kunnen inschakelen als dat nodig is.
3.9 Het laden van de accu
WAARSCHUWING. Schakel het systeem uit voor u de accu oplaadt. Schakel het systeem niet aan of
uit tijdens het laden. Gebruik alleen de bijbehorende voeding. Gebruik van een verkeerde voeding kan
leiden tot oververhitten, in brand vliegen of zelfs exploderen van de accu.
De accu kan zowel geladen worden op de fiets als op een andere plek (wanneer de accu verwijderd is
van de fiets). Li-Ion accu's die gebruikt worden op RIDE+ fietsen hebben geen geheugeneffect. Dit
betekent dat de capaciteit van de accu niet beïnvloed wordt door deze te laden voordat de accu
volledig leeg is. U kunt de accu na elke rit herladen. Het wordt aangeraden dat u, voor de eerste drie
ritten, de accu niet herlaadt totdat er nog een streepje acculading zichtbaar is op de display.
OPMERKING. Als het nodig is om de accu te laden geeft deze een piepsignaal. Laad de accu dan
onmiddelijk op.
Laad de accu op bij kamertemperatuur (circa 20°C), vermijd hoge temperaturen. Zorg bij lage
temperaturen dat de accu op kamertemperatuur is voordat u begint met laden.
• Laadstatus
Bij accu's met een ronde laadpoort met doorzichtige ring is het mogelijk om de laadstatus handmatig
te controleren door de laadstekkeringang met een vinger aan te raken. Op het moment dat de vinger
de kunststof ring raakt zal er een LED oplichten; Groen voor 100 tot 85% lading, Oranje voor 85 tot
25% lading en Rood voor minder dan 25% lading.
• Voeding 100-240V
De voeding schakelt automatisch naar de juiste netspanning.
• Laden
Verbind de connector van de voeding met de accu. Verbind de voeding met een juiste spanningsbron.
De LED bij de laadpoort van de accu zal rood oplichten. Als het laden start, zal deze oranje kleuren.
WAARSCHUWING. Vervang een beschadigde netkabel onmiddellijk ter voorkoming van een
elektrische schok.
NL-18