Herunterladen Diese Seite drucken

Scheppach SG5200D Originalbetriebsanleitung Seite 77

Vorschau anzeigen Andere Handbücher für SG5200D:
Verfügbare Sprachen

Verfügbare Sprachen

  • DEUTSCH, seite 1
• Uitlaatgassen zijn giftig. De generator mag niet wor-
den gebruikt in gesloten ongeventileerde ruimten. In-
dien de generator in goed geventileerde ruimten wordt
gebruikt, moeten de uitlaatgassen direct naar buiten
worden geleid en dient er aan extra veiligheidseisen
te worden voldaan ter voorkoming van brand en ex-
plosies. Ook bij het gebruik van een uitlaatgasslang
kunnen giftige uitlaatgassen ontsnappen. Vanwege
het brandgevaar mag de uitlaatslang nooit op brand-
bare stoffen worden gericht.
• De generatoren kunnen alleen tot hun nominale ver-
mogen onder de nominale omgevingsvoorwaarden
worden toegepast. Als de toepassing van het genera-
toraggregaat plaatsvindt onder omstandigheden die
niet voldoen aan de referentieomstandigheden vol-
gens ISO 8528-8:2016, 7.1, en als de koeling van de
motor of de generator wordt belemmerd, bijvoorbeeld
als gevolg van de werking in gebieden met beperkte
toegang, is een vermogensvermindering vereist.
• Er mogen geen veranderingen aan de generator wor-
den aangebracht.
• Het door de fabrikant ingestelde toerental mag niet
worden gewijzigd. Generator of aangesloten appara-
ten kunnen beschadigd raken.
• De generator nooit in ruimtes met licht ontvlambare
stoffen gebruiken.
LET OP
Warme oppervlakken!
Gevaar voor brandwonden, uitlaatsysteem en aandrijf-
aggregaat niet aanraken.
LET OP
Draag gehoorbescherming!
Gebruik een geschikte gehoorbescherming, indien u
zich in de buurt van het apparaat bevindt.
• Raak geen mechanisch bewegende of hete onderde-
len aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.
• Er mogen voor het onderhoud en als accessoires uit-
sluitend originele onderdelen worden gebruikt.
• Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uitslui-
tend door geautoriseerd vakpersoneel worden uitge-
voerd.
• Bescherm uzelf tegen elektrische gevaren.
• De generator nooit met natte handen vastpakken.
• Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren die
hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn ge-
labeld H07RN.
• De generator nooit bij regen of sneeuwval gebruiken.
• Zet tijdens het transport en bijtanken de motor uit.
• Leeg de tank niet in de buurt van open licht, vuur of
vonken. Niet roken!
• Het gebruik van de generator bij onweer is verboden -
gevaar op blikseminslag!
• De generator op een veilige, effen plaats opstellen.
Draaien en kantelen of verplaatsing tijdens het bedrijf
is niet toegestaan.
• Plaats de generator op minimaal 1 meter afstand van
muren of aangesloten apparaten.
• Bij de technische gegevens onder geluidsvermo-
gensniveau (LwA) en geluidsdrukniveau (LpA) aange-
geven waarden, geven een emissieniveau weer en
hoeven niet persé veilige werkniveaus te zijn. Aange-
zien een samenhang bestaat tussen de emissie- en
immissieniveaus, kan deze niet betrouwbaar voor het
bepalen van eventuele vereiste aanvullende voor-
zorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren
op het actuele immissieniveau van de arbeid, sluiten
de eigenschappen van de werkruimte, andere geluids-
bronnen, geluidsemissie enz. zoals bijv. het aantal
machines en andere naastgelegen processen en tijd-
marge dat een gebruiker aan het lawaai wordt bloot-
gesteld, uit. Bovendien kan het toegestane immissie-
niveau per land verschillen.
Deze informatie zal voor de exploitant van de machine
de mogelijkheid geven om een betere inschatting van
de risico's en gevaren uit te voeren. In enkele geval-
len moeten akoestische metingen na de installatie
worden uitgevoerd, om het geluidsdrukniveau te be-
palen.
• Neem de voorschriften omtrent elektrische veiligheid
in acht, die op de plaats gelden waar de generator
wordt gebruikt.
7.2
Elektrische veiligheid
• Voor het gebruik dienen het stroomaggregaat en de
bijbehorende elektrische uitrusting (inclusief de leidin-
gen en stekkerverbindingen) op defecten geïnspec-
teerd te worden.
• De generatoraggregaat mag niet met andere stroom-
bronnen worden verbonden, bijvoorbeeld de stroom-
voorziening van het elektriciteitsbedrijf. In speciale ge-
vallen, als een reserveverbinding met aanwezige elek-
trische installaties wenselijk is, mogen deze uitsluitend
door een bevoegd elektrotechnicus worden uitge-
voerd, die daarbij rekening dient te houden met de
verschillen tussen het gebruik van de apparatuur op
het openbare stroomnet, of op de generatoraggre-
gaat.
Houd rekening met de volgende verschillen tussen net-
en generatorbedrijf:
• Aarding en netvorm:
de aarding en beschermingsmaatregelen van de ge-
nerator kunnen afwijken van het openbare net en
moeten dienovereenkomstig worden aangepast.
• Kortsluitvermogen:
het kortsluitvermogen van de generator is lager. Vei-
ligheidsschakelaars kunnen vertraagd of niet reage-
ren.
• Spanning en frequentie:
Bij generatorbedrijf kunnen spanning en frequentie af-
hankelijk van de belasting fluctueren.
• Terugvoeding:
Terugvoeding naar het openbare elektriciteitsnet is
niet toegestaan en moet worden voorkomen door mid-
del van geschikte omschakelinrichtingen.
• Parallelbedrijf:
Parallelbedrijf met andere stroombronnen is alleen
toegestaan met geschikte synchronisatie.
• Belastbaarheid:
hoge aanloopstromen kunnen spanningsdalingen ver-
oorzaken.
www.scheppach.com
NL | 77
loading

Diese Anleitung auch für:

59062419015906241984