NL
BE
Functiebeschrijving
De cirkelzaagketting wordt over een zwaard
(geleiderail) geleid. De kettingzaag is uitge-
rust met een snelstop-kettingrem. Een auto-
matisch oliesysteem zorgt voor de continue
kettingsmering. De kettingzaag is ook uitge-
rust met een snel ketting-snelspansysteem.
Om de gebruiker te beschermen, is het ap-
paraat uitgerust met verschillende beveili-
gingsapparaten.
Het apparaat kan gekoppeld worden met de
Parkside app.
De werking van de verschillende bedienings-
elementen is hieronder beschreven.
Technische gegevens
Accu-kettingzaag ..............PPKSA 40-Li B2
Motorspanning U ............... 40 V ⎓ ; (2x 20 V)
Motorstroom I .........................................16 A
Kettingsnelheid v
.......... 15 m/s bzw. 20 m/s
0
Kettingsnelheid v
max
Gewicht (zonder zwaard, ketting, kettingbe-
scherming, olie en accu's) ................. 3,17 kg
Tankinhoud .......................................180 cm
Zwaard ................ M1431656-1041TL (Trilink)
– Zwaardtype ........................................... 16"
– Zwaardlengte ................. 45,5 cm (455 mm)
– Zaaglengte ........................ 38 cm (380 mm)
Zaagketting ..................... CL14356TL (Trilink)
– Kettingpas ......................... 9,525 mm (3/8")
– Kettingafstand ..................................10 mm
– Aantal aandrijfelementen ........................ 56
– Dikte aandrijfschakel ......... 1,1 mm (0,043")
Kettingwielindeling ............... 9,525 mm (3/8")
–Aantal tanden (kettingwiel) .........................6
Temperatuur ................................. max. 50 °C
– Bedrijf ........................................ -20 - 50 °C
– Opslag .......................................... 0 - 45 °C
Geluidsdrukniveau (L
pA
Geluidsvermogenniveau (L
– gegarandeerd .................................. 103 dB
– gemeten ..................99,8 dB; K
Trilling (a
) ................... 1,76 m/s²; K=1,5 m/s²
h
Accu-type ............................................. Li-Ion
PARKSIDE Performance Smart accu
Smart PAPS 204 A1/Smart PAPS 208 A1/
Smart PAPS 2012 A1
– Werkfrequentie/frequentieband
......................................... 2400 - 2483,5 MHz
– zendvermogen ........................... ≤ 20 dBm
80
.......................... 25 m/s
) .. 90,5 dB; K
=3 dB
pA
)
WA
=3,29 dB
WA
De geluids- en trilwaarden zijn vastgesteld in
overeenstemming met de normen en bepa-
lingen die in de conformiteitsverklaring zijn
vermeld.
De vermelde totale trillingswaarden en ge-
luidsemissiewaarden zijn gemeten volgens
een genormeerde testprocedure en kunnen
worden gebruikt om een elektrisch gereed-
schap met een ander gereedschap te verge-
lijken. De vermelde totale trillingswaarden en
geluidsemissiewaarden kunnen ook worden
gebruikt voor een voorlopige inschatting van
de belasting.
WAARSCHUWING! Trillingen en ge-
luidsemissies tijdens het feitelijke gebruik
van het elektrische apparaat kunnen afwij-
ken van de opgegeven waarde, afhankelijk
van de manier waarop het apparaat wordt
gebruikt. Probeer de belasting door trillin-
gen zo gering mogelijk te houden. Voorbeeld
van maatregelen om de trillingsbelasting te
verminderen, is de beperking van de werk-
uren. Houd daarbij rekening met alle fasen
van de bedrijfscyclus (bijvoorbeeld ook peri-
odes wanneer het elektrische gereedschap is
3
uitgeschakeld en periodes wanneer het wel-
iswaar is ingeschakeld maar zonder belas-
ting draait).
X 20 V TEAM
Het apparaat maakt deel uit van de reeks
X 20 V TEAM en kan met accu's van de
reeks X 20 V TEAM worden gebruikt.
Accu's van de reeks X 20 V TEAM mogen
alleen met originele laders van de reeks
X 20 V TEAM worden geladen.
We bevelen u aan dit apparaat uitsluitend
met volgende accu's: PAP 20 A1, PAP 20 A2,
PAP 20 A3, PAP 20 B1, PAP 20 B3,
Smart PAPS 204 A1, Smart PAPS 208 A1,
Smart PAPS 2012 A1
We bevelen u aan deze accu's met volgen-
de laders te laden: PLG 20 A1, PLG 20 A2,
PLG 20 A3, PLG 20 A4, PLG 20 C1,
PLG 20 C3, PDSLG 20 A1, PDSLG 20 B1,
PLG 201 A1, Smart PLGS 2012 A1
Technische specificaties van accu en lader:
zie afzonderlijke gebruiksaanwijzing.
Veiligheidsaanwijzingen
Dit gedeelte behandelt de basisveiligheids-
maatregelen bij het gebruik van het appa-
raat.