10.4 SLANGPILAAR VOOR DE NEUSBRIL EN UITGANGSFILTER VERVANGEN (RP-506)
De slangpilaar voor de neusbril verbindt het gaspad met de neusbril, en het uitgangsfilter is ontworpen om
de gebruiker te beschermen tegen het inademen van kleine deeltjes tijdens gebruik van het apparaat. Het
uitgangsfilter bevindt zich in de slangpilaar voor de neusbril en moet telkens worden vervangen voordat het
apparaat door een nieuwe patiënt thuis gebruikt gaat worden. Volg deze stappen om de slangpilaar voor de
neusbril en het uitgangsfilter te vervangen:
1. Draai de sleutel linksom om de slangpilaar voor de neusbril los te draaien.
2. Verwijder de slangpilaar voor de neusbril.
3. Controleer of er binnenin geen vuil is achtergebleven. Plaats de nieuwe geïntegreerde slangpilaar voor de
neusbril met uitgangsfilter.
4. Draai de sleutel rechtsom totdat de slangpilaar voor de neusbril stevig is bevestigd. Niet te strak
aandraaien.
1
2
3
4
10.5 KOLOMMEN VERVANGEN (RP-502)
Het apparaat is geprogrammeerd om u te waarschuwen wanneer de kolommen moeten worden vervangen
(zie de sectie 'Alarmen'). Hoewel u kolommen moet aanschaffen bij de fabrikant of uw serviceprovider, zijn de
kolommen zo ontworpen dat ze gemakkelijk door de patiënt kunnen worden vervangen volgens onderstaande
stappen:
1. Schakel het apparaat uit door de aan-uitknop ingedrukt te houden.
2. Haal het apparaat uit de draagtas of rugzak indien deze worden gebruikt.
3. Verwijder de accu uit het apparaat.
4. Leg het apparaat op zijn kant zodat de onderkant zichtbaar is.
5. De kolommen bevinden zich aan de ene kant van het apparaat.
3
1
2
5
6. Ontgrendel de kolommen door de vergrendelingsknop van de kolommen af te duwen.
7. Houd de vergrendelingsknop open en schuif de kolomconstructie uit het apparaat door de metalen
trekgreep op te tillen en eraan te trekken.
8. Verwijder de kolommen helemaal van het apparaat door de metalen trekgreep naar buiten te trekken.
9. De twee kolommen worden als één geheel verwijderd.
10. Om nieuwe kolommen te installeren, verwijdert u eerst de vier (4) stofdoppen van de nieuwe kolommen.
11. Zorg dat er geen stof of puin lag waar de stofdoppen zich bevonden.
©2024 Inogen, Inc. Alle rechten voorbehouden.
Pagina 143 van 272
96-13613-00-01 A