26
NL
5.4.2 De binnenkant van het maaidek schoonmaken
Doe dit op een harde ondergrond met de opvangbak of
de steenbeschermkap gemonteerd. Om het maaidek en
het windkanaal aan de binnenkant schoon te maken
dient u een waterslang op de speciale fitting (1) aan te
sluiten waarna u voor enkele minuten het water erdoor-
heen laat lopen en waarbij:
– u op de machine moet gaan zitten;
– de motor moet draaien;
– de aandrijving in de vrije stand;
– het mes ingeschakeld moet zijn.
Tijdens het schoonmaken verdient het aanbeveling het maaidek in de laagste stand te zetten.
Verwijder daarna de opvangbak, leeg de bak, spoel de bak uit en leg de bak op een zodanige
plaats dat de bak snel kan drogen.
5.4.3 De machine stallen en geruime tijd niet gebruiken
Als er verwacht wordt de machine voor geruime tijd niet te gebruiken (meer dan 1 maand), moe-
ten de kabels van de accu losgekoppeld worden, waarbij de aanwijzingen in het instructieboekje
van de motor in acht genomen moeten worden; vet alle
bewegende onderdelen in zoals beschreven in hoofdstuk 6.
LET OP!
!
eventueel in de buurt van de motor of van de geluid-
demper van het uitwerpmechanisme opgehoopt heeft;
als u dit niet doet kan er brand ontstaan als u opnieuw
begint te maaien!
Leeg de benzinetank door de benzineslang, gekoppeld aan
het benzinefilter (1) los te maken en neem hierbij de aanwij-
zingen, die in het instructieboekje van de motor staan, in
acht.
BELANGRIJK
accu altijd terug opladen vóór iedere lange periode van inactiviteit (langer dan 1 maand) en
terug opladen vooraleer de activiteit te hervatten in hoofdstuk 6.
Controleer, voordat u opnieuw begint te maaien, of er uit de slang, de benzinekraan of de carbu-
rateur geen benzine lekt.
Verwijder het droge gras dat zich
De accu dient opgeborgen te worden op een koele, droge plaats. De
GEBRUIKSVOORSCHRIFTEN
1
1