Herunterladen Inhalt Inhalt Diese Seite drucken

Protool CMP 150 Bedienungsanleitung Seite 37

Zimmerei-kettenstemmer
Inhaltsverzeichnis
Verfügbare Sprachen
  • DE

Verfügbare Sprachen

  • DEUTSCH, seite 1
kunnen er schades van andere apparaten optreden.
Bij netimpednties kleiner dan 0,29 Ohm zijn er geen
storigen te verwachten.
Montage van het
elektrische apparaat
– Plaats de dwarsgeleider (12) op de geleidearm met
schaalverdeling en bevestig deze door de vergrendelings-
hendel (13) aan te draaien.
– Maak de handschroeven (3) van de beschermkap (4)
los en verwijder de beschermkap.
– Draai de zeskantmoeren (5) los.
– Plaats het complete kettingfreesapparaat in zijn positie.
Het aandrijftandwiel moet zo worden gedraaid dat de
aandrijfpen op de as van het elektrische apparaat grijpt
in de groef van het aandrijftandwiel.
– Schroef de zeskantmoeren (5) weer vast. Draai de moer
op de aandrijfas aan met behulp van de enkelzijdige
steeksleutel. Draai de moer op de geleiderail uitsluitend
met de hand aan.
– Stel de geschikte kettingfreesspanning in (zie het deel
„Opspanning van de freesketting") met behulp van de
kettingspanschroef (7) en draai de borgmoer (6) aan.
– Draai de zeskantmoer op de geleiderail aan met behulp
van de enkelzijdige steeksleutel.
– Plaats de beschermkap terug op zijn plaats.
– Installeer de splinterbeschermkap (16) en zet hem
met behulp van de schroef (15) vast (verwijder eerst
de beschermfolie).
Werken met de kettingfrees
Het gewicht van de kettingfrees is gunstig verdeeld en met
zijn ergonomisch ontworpen handvatten kan hij makkelijk
in iedere positie op het werkstuk worden geplaatst. Dit
elektrische apparaat kan worden gebruikt zoals het is
geleverd. Vóór elk gebruik moeten het kettingfreesapparaat,
de dwarsgeleider en de beschermkap worden gecontroleerd
of ze niet zijn beschadigd en of ze op de juiste manier zijn
bevestigd.
Stel eerst de gewenste afstand tussen de frees en het
aanslagvlak van het werkstuk in met behulp van de instel-
bare dwarsgeleider (12). Maak voor deze instelling eerst
de vergrendelingshendel (13) los. Stel dan de gewenste
afstand in tussen de frees en het aanslagvlak, afhankelijk
van de breedte van de geinstalleerde kettingfrees, volgens
de markering op de schaalverdeling in het kijkglas (17).
Draai daarna de vergrendelingshendel aan. De freesdiepte
kan stap voor stap worden ingesteld met behulp van de
dieptemeter (10). Maak voor deze instelling eerst de
vergrendelingshendel (11) los, schuif de diepte-aanslag
naar de gewenste positie en draai de vergrendelingshendel
weer aan.
NL
Houd het elektrische apparaat met beide handen vast.
Plaats het apparaat boven de gewenste freespositie, zodat
de dwarsgeleider het aanslagvlak van het werkstuk raakt.
De frees kan op de verticale positie worden gericht met
behulp van de ingebouwde buiswaterpas (14). Om het
(Fig. 1, 2, 4)
elektrische apparaat aan te zetten moet eerst de vergren-
deling die onbedoeld starten voorkomt, worden losgema-
akt. Om dit te doen moet u de ontgrendelingsknop en
de actuator van de hoofdschakelaar (1) op het handvat
gelijktijdig indrukken.
Uiteindelijke kwaliteit van de groef hangt af van de
aanzetsnelheid, de eigenschappen van het werkstuk en
de scherpte van de kettingfrees. Kies daarom de geschikte
freesdruk of aanzetsnelheid die geschikt is voor het te
bewerken hout en frees gelijkmatig tot aan de gewenste
diepte. Te allen tijde moeten plotselinge en schokkerige
bewegingen worden voorkomen en de aanzetsnelheid
moet constant blijven.
Verwijder het elektrische apparaat uit de groef terwijl het
nog loopt, zonder het te kantelen. Gebruik altijd scherpe
freeskettingen. Botte freesapparaten oefenen buitenspori-
ge spanning op de geleiderail uit en leiden tot vroegtijdi-
ge slijtage of schade. Tijdens intensief gebruik wordt
aangeraden om de lager van de rol op de geleiderail te
controleren en oververhitting ervan te vermijden.
Wanneer het werk klaar is, leg dan het elektrische apparaat
pas weg nadat de motor volledig tot stilstand is gekomen -
gevaar voor ernstige ongelukken!
Wanneer u met een nieuwe freesketting werkt, moet
de spanning na uiterlijk 10 freeswerkzaamheden worden
gecontroleerd (zie het deel „Opspanning van de
freesketting").
Belangrijk: De kettingfrees is een ronddraaiend apparaat.
(Fig. 1, 2, 3, 5)
Snijkanten van de kettingfrees kunnen zowel tijdens daling
als tijdens stijging in werking zijn. Controleer de draairich-
ting die op de beschermkap met een pijl is aangegeven.
Zijwaartse druk van het freesapparaat moet altijd worden
gecompenseerd met behulp van de dwarsgeleider. Gevaar
voor ongelukken!
Werk daarom nooit zonder de dwarsgeleider of gebruik
één van de geleideframes. Als één grote groef wordt
gemaakt door met de kettingfrees naast elkaar gelegen
groeven in het werkstuk aan te brengen, wordt aangeraden
om te werk te gaan als in Figuur 5.
Freeskettingen
Gebruik uitsluitend geslepen freeskettingen. Dit elektrische
apparaat wordt geleverd met de ketting die is bedoeld
voor freeswerkzaamheden. Een grote verscheidenheid aan
freeskettingen voor het frezen van groeven is verkrijgbaar.
Freeskettingen met B- of C-vertanding zijn vooral bedoeld
voor nauwkeurige klusjes en vereisen ongeveer de dubbele
tijd voor het frezen, in vergelijking met kettingen met
A-vertanding.
37

Quicklinks ausblenden:

Inhaltsverzeichnis
loading

Inhaltsverzeichnis