2. Monteer de houder (20/20a) met behulp van de
bijgeleverde M8 zeskantbouten (20b), veerrin-
gen (20c) en onderlegringen (20d). Gebruik een
steeksleutel SW 8/10 mm (30).
3. Herhaal het proces met de houder (20/20a) aan
de andere kant.
9.11 Vangkorf (21) monteren (afb. 12, 13)
1. Lijn de montagegaten van het voorste frame (21d)
en het bovenste frame (21e) uit.
2. Monteer het voorste frame (21d) met het bovenste
frame (21e). Gebruik de steeksleutel SW 8/10 mm
(30) en de steeksleutel SW 10/13 mm (30a).
3. Monteer de zijsteunstangen (21a) aan beide zij-
den aan het voorste en bovenste frame (21d/21e).
Gebruik de zeskantbouten (21b), de zeskantmoe-
ren (21c), de steeksleutel SW 8/10 mm (30) en de
steeksleutel SW 10/13 mm (30a).
4. Plaats de vangzak (21f) op het frame en bevestig
de lipjes op de juiste punten.
5. Plaats de plaatmoeren (21i) op de corresponde-
rende punten in het deksel van de reservoirdeksel
(21g).
6. Monteer het tankdeksel (21g) door de acht zes-
kantbouten (21h) van onderaf door het bovenste
frame (21e) te schroeven met de plaatmetaalmoe-
ren (21i). Gebruik een steeksleutel SW 8/10 mm
(30).
7. Leid de kantelhendel (21j) van bovenaf door het
reservoirdeksel (21g).
8. Monteer de zeskantbout (21k) met de zeskant-
moer (21l) om de kantelhendel (21j) vast te zetten.
Gebruik de steeksleutel SW 8/10 mm (30) en de
steeksleutel SW 10/13 mm (30a).
10. Voor de ingebruikname
m Let op!
Het product voor de ingebruikstelling in ieder ge-
val volledig monteren!
m WAARSCHUWING!
Gevaar voor de gezondheid!
Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen en
uitlaatgassen kan er ernstige gezondheidsschade,
bewusteloosheid ontstaan en dit in extreme gevallen
zelfs tot de dood leiden.
- Adem benzine-/smeeroliedampen en uitlaatgas-
sen niet in.
- Gebruik het product alleen in de open lucht.
Controleer het product voor elke ingebruikname op:
• Dichtheid van brandstofsysteem,
• perfecte staat en volledigheid van de veiligheids-
voorzieningen en de snij-inrichting,
• stevige bevestiging van alle schroefverbindingen,
• Soepel lopen van alle bewegende delen.
120 | NL
Controleer voor elke ingebruikname,
• of het snijgereedschap en het gehele maaielement
(maaimes, meskoppeling, mesrem, bevestigings-
bouten, maaibehuizing) in optimale toestand zijn.
Er moet in het specifiek op een correcte zitting, be-
schadigingen en slijtage worden gelet.
• of de tankdop goed is vastgeschroefd.
• of de brandstoftank en de brandstofgeleidende de-
len evenals de tankdop in optimale toestand zijn.
• of de veiligheidsvoorzieningen in optimale toestand
zijn en correct functioneren.
• of banden (luchtdruk, schade, slijtage) en frame
in optimale toestand zijn. Schroefverbindingen op
goede bevestiging controleren. In het specifiek
moeten alle onderhoudswerkzaamheden worden
uitgevoerd, die in het onderhoudsschema onder de
rubriek "Onderhoud" zijn beschreven.
Vervang voor het gebruik van het product defecte
evenals alle andere versleten en beschadigde on-
derdelen. Onleesbare of beschadigde gevaren en
waarschuwingen op het product moeten worden ver-
vangen.
Neem indien nodig contact op met een leverancier.
Brandstof en olie
AANWIJZING!
Risico op materiële schade!
Indien incorrect opgeslagen of niet afgetapte brand-
stoffen worden gebruikt, kan de carburateur verstop-
pen of de werking van de motor beïnvloeden.
- Voer brandstof wat u niet nodig heeft, in een lucht-
dichte tank en bewaar deze in een donkere, koele
ruimte.
- Gebruik alleen aangewezen en goedgekeurde
tanks voor het transport en de opslag van brandstof.
Benodigd gereedschap:
• 2x trechter (31)
• 1x steeksleutel SW 8 mm*
• 1x steeksleutel SW 8/10 mm (30)
• 1x luchtpomp met manometer*
* = niet altijd meegeleverd
10.1 Motorolie bijvullen (afb. 14)
AANWIJZING!
Productbeschadiging
Als het product zonder of met te weinig motorolie
wordt gebruikt, kan dit tot motorschade leiden.
- Vullen met olie vóór ingebruikname. Het product
wordt geleverd zonder motorolie.
www.scheppach.com
!