Gebruik van de kooitrekveerklemmen
Bereid de aansluitkabels voor. Het kabeluiteinde voor de kleine
kooitrekveerklemmen moet op 8 – 9 mm afgestript zijn. De
kabeluiteinden voor de accuaansluitingen (grote kooitrekveer-
klemmen) moeten 12 – 13 mm ontmanteld zijn. Adereindhul-
zen zijn niet noodzakelijk.
De trekveerklem kan met behulp van een passende sleuf-
schroevendraaier geopend worden.
Leid hiervoor de sleufschroevendraaier in de bovenste, vier-
kante opening en druk de trekveerklem open. Het klemgedeel-
te in de bovenste ronde opening zwenkt daarbij open.
Leid de kabel tot bij de isolatie in de kooitrekveerklem (boven-
ste ronde opening) en trek de sleufschroevendraaier uit. De
trekveerklem sluit weer en de kabel is veilig bevestigd.
Herhaal deze procedure voor alle aansluitingen:
+ Charge, + Load, - Battery, + Solar, - Solar.
Zorg ervoor, dat de kabeluiteinden stevig in de kooitrekveer-
klemmen bevestigd zijn!
Aansluiting
Voor het aansluiten of onderbreken van leidingen
moeten de toevoerleidingen van accu en stroomnet
losgekoppeld worden!
Lengtes en doorsneden van leidingen
Leidings-
Leiding
lengte
W 1
W 2
6 m –
W 3
1 m –
Aansluiting energiebron / verbruikers
Verbind het apparaat volgens het aansluitplan met de energie-
bron (bijv. batterij, lichtmachine, laadapparaat) en de verbrui-
kers (bijv. koelkast). Zorg voor een correcte aansluiting van
de polen.
Zekeringen absoluut dicht bij de energiebron (bijv. bat-
terij, lichtmachine, laadapparaat) aanbrengen. Gebruik
uitsluitend de voorgeschreven leidingdoorsneden (zie tabel) en
zekeringsterktes!
Panel MES Module A / B
Indien u een paneel MES module A / B gebruikt, speldt u dit
aan de aansluitingen aan het apparaat vast. Op het paneel is
een hoofdschakelaar geïntegreerd. Een afzonderlijke hoofd-
schakelaar functieloos.
Temperatuursensor
Indien u een temperatuursensor voor batterij II gebruikt, kleeft
u de temperatuursensor aan de voorkant van batterij II (toevoer-
batterij). Hiervoor verwijdert u de beschermingsfolie aan het
kleefpunt van de temperatuursensor en drukt hem krachtig op de
gewenste positie aan batterij II (zie beschrijving temperatuursen-
sor). Sluit de kabel van de temperatuursensor aan op de tempe-
ratuursensoraansluiting van het toestel.
Omschakelaar batterijtype
Stel het gebruikte accutype (vloeibaar elektrolyt of gel / AGM)
van uw accu in met de omschakelaar.
40
Leidings-
doosnede
–
6 m
2,5 mm²
4,0 mm²
–
1 m
6,0 mm²
16,0 mm²
Aansluiting hoofdschakelaar
Bij gebruikmaking van de module B zonder uitbreiding door
een paneel MES module A / B wordt de stekker voor de afzon-
derlijke hoofdschakelaar aan de 2-polige aansluiting van de
module B vastgespeld.
Trekontlasting
Alle leidingen (bijvoorbeeld voor energiebronnen, verbruikers
en toebehoren) met de beide trekontlastingsklemmen
beveiligen.
Beëindigende werkzaamheden
–
Controleer alle aansluitingen op vaste zitting.
–
Breng de klemruimteafdekking aan.
–
Breng als laatste de netverbinding aan de module A2
tot stand.
Installatieschema
X 2
X 1
+Charge
+ + -
-
+Laden
Solar
1
+ –
+ –
G 1
G 2
Afb. 4: Installatieschema
1 Trekontlasting voor de leidingen
G 1 Zonnepaneel max. 85 W (X 1 binnenste klemmen)
G 2 Zonnepaneel max. 85 W (X 1 buitenste klemmen)
X 1
Aansluiting voor twee zonnepanelen (G1, G2)
X 2
Aansluiting voor toevoerbatterij (batterij II)
X 3, 4 Aansluiting voor paneel MES module A / B (optioneel)
X 5
Aansluiting voor afzonderlijke hoofdschakelaar
(optioneel)
X 6
Aansluiting voor temperatuurvoeler (batterij II – optioneel)
S 1 Omschakelaar voor het batterijtype gel c.q. AGM /
vloeibare elektrolyt
X 3
X 6
Switch
AGM
Schalter
Temp.
+Load
-Battery
X 5
Liquid
+Verbr.
-Batterie
Flussig
Battery
X 4
RS485
1
II
12 V
S 1