78
QuickClean
De VS2-pomp met variabele snelheid is uitgerust met een functie
Quick Clean die tijdelijk ingeschakeld kan worden om de pomp
sneller of trager te doen draaien, altijd binnen het toerentalgebied
van 300 tot 3.450 rpm. Wanneer de Quick Clean-tijd verstreken
is, schakelt de pomp automatisch weer over op het ingestelde
programma.
QuickClean programmeren:
1. Als de pomp draait, schakel ze dan uit door de Start/
Stop-toets in te drukken.
2. Druk de toets Quick Clean in. De led boven de toets
Quick Clean begint te knipperen en de led van de
snelheidsparameter knippert tijdens het aanpassen.
Zie Figuur 13.
3450
Figuur 13: snelheid instellen voor Quick Clean
3. Gebruik de pijltoetsen "+" en "-" om de snelheid in
rpm aan te passen voor Quick Clean.
4. Druk opnieuw op de toets "Quick Clean". De display
schakelt dan om naar de cyclustijd van de Quick
Clean. De led van de parameter "Cyclustijd" knippert
tijdens het aanpassen. Zie Figuur 14.
Opmerking: de Quick Clean-functie heeft geen
starttijd.
2 : 00
Figuur 14: cyclustijd instellen voor Quick Clean
5. Gebruik de pijltoetsen "+" en "-" om de cyclustijd in
uren en minuten voor Quick Clean aan te passen.
6. Druk op de Start/Stop-toets en controleer of de led
oplicht. De pomp is nu ingeschakeld en draait met de
snelheid en de cyclustijd voor Quick Clean.
Opmerking: wanneer de ingestelde duur voor de Quick Clean
verstreken is, hervat de pomp het dagschema (24 uur) op het punt
in het dagschema waar de pomp op dat moment normaal zou zijn.
De duur van de Quick Clean heeft geen invloed op de start- of
stoptijden van het 24-uursprogramma. Als bijvoorbeeld een Quick
Clean wordt uitgevoerd tijdens een periode die het laatste deel van
SNELHEID 1 en het eerste deel van SNELHEID 2 overlapt, blijft de
starttijd voor SNELHEID 3 ongewijzigd.
Opmerking: de toets Quick Clean gedurende meer dan drie
(3) seconden indrukken/ingedrukt houden, annuleert de modus
Quick Clean.
Opmerking: tijdens de modus Quick Clean start de pomp niet met
de vulsequentie.
Opmerking: het is raadzaam de duur van de functie Quick Clean
niet op 0 uur in te stellen. Als u de duur van de Quick Clean op
0 uur instelt, kunt u deze instelling niet wijzigen terwijl de motor
draait. De motor moet dan uitgeschakeld worden om de Quick
Clean-instellingen te wijzigen.
Toetsvergrendeling
Ook met vergrendelde toetsen zal de motor uitgeschakeld worden
wanneer men de Start/Stop-toets indrukt. Hij kan dan pas opnieuw
worden gestart wanneer men de toetsen ontgrendeld heeft.
Indien de motor met vergrendelde toetsen werkt en door externe
bedieningen wordt aangestuurd, kan hij alleen draaien wanneer de
Start/Stop-led brandt.
De gebruikersinterface van de VS2-pomp met variabele
snelheid heeft een functie "Toetsvergrendeling" om ongewenste
veranderingen van de instellingen te voorkomen. Wanneer de
toetsen vergrendeld zijn, reageert het scherm alleen op het
indrukken van de toets Display om de weergegeven informatie
te overlopen en op het indrukken van de toets Start/Stop om de
motor te stoppen.
De toetsen worden vergrendeld door de toets "1" en de toets Quick
Clean gelijktijdig in te drukken gedurende ten minste drie seconden.
"Loc On" wordt weergegeven wanneer dat gelukt is.
De toetsen worden ontgrendeld door de toets "1" en de toets Quick
Clean gelijktijdig in te drukken gedurende ten minste drie seconden.
"Loc Off" wordt weergegeven wanneer dat gelukt is.
Opmerking: wanneer het systeem werkt en de toetsen vergrendeld
zijn, kan de motor nog altijd gestopt worden door de Start/Stop-toets
in te drukken. De motor kan echter pas opnieuw gestart worden
wanneer de gebruiker de toetsen ontgrendelt.