11. Functiecontrole en bediening
a) Bedieningselementen en functietest
• U moet na de montage van de rookmelder een functietest doen.
• Blaas b.v. tabaksrook naar de rookmelder. Nadat de rook in de rookkamer
van de rookmelder binnengedrongen is, wordt het alarm geactiveerd zolang
er rook in de rookkamer is.
Het alarm zal door een akoestisch en een optisch signaal gesignaleerd
worden (ongeveer om de seconde).
• Indien u meerdere draadloze rookmelders van het type "RM 100-2 BiDi-S"
gemonteerd/geïnstalleerd heeft, zullen deze tevens geactiveerd worden
(eventueel met enkele seconden vertraging).
Als dit niet zo is, moet u de instelling van de huiscode van de
draadloze rookmelder "RM 100-2 BiDi-S" controleren (de huiscode
moet dezelfde zijn) en de BiDi instelling (moet op "ON" staan).
• Als de elektronica in de rookkamer geen rook meer detecteert, wordt het
alarm na 48 seconden automatisch stopgezet.
Optische signaalgever (noodverlichting), wordt tezamen
met het akoestische signaal geactiveerd
Opening voor de
akoestische
signaalgever
Controletoets
met LED-lampje
151