Vervolgens de moer terug vastdraaien en vastzetten met een sleutel.
Het contactbuisje en de sproeier terug monteren.
De operaties 1
uitvoeren zoals aangeduid wordt voor het omhulsel voor stalen
draden 4
niet in acht nemen .
Het contactbuisje voor aluminium terug vastdraaien en hierbij verifi ren of het in
contact komt met het omhulsel.
10 Op het tegenovergesteld uiteinde van het omhulsel kant aansluiting toorts de
koperen nipple, de OR-ring invoeren en hierbij het omhulsel lichtjes gedrukt
houden, de moer omhulselblokkering vastdraaien. Uit de aansluiting toorts van de
draadtrekker de vertakte buis voor omhulsels stalen draden uittrekken.
11 DE VERTAKTE BUIS IS IET VOORZIE voor omhulsels aluminium draden met
diameter 1,6-2,4mm gele kleur ; het omhulsel zal dus ingevoerd worden in de
aansluiting toorts zonder deze.
De vertakte buis afsnijden voor omhulsels aluminium draden met diameter 1,2-
1,6mm rode kleur op een maat onder de 2mm circa in vergelijking met die van de
buis stalen draden, en invoeren op het vrije uiteinde van het omhulsel.
1
De toorts invoeren en blokkeren in de aansluiting van de draadtrekker; het
omhulsel markeren op 1-2mm afstand van de rollen; de toorts terug uittrekken.
1
Het omhulsel afsnijden op de voorziene maat, zonder de ingangsopening te
vervormen. De toorts terug monteren in de aansluiting van de draadtrekker en de
gassproeier monteren.
1
1 1
t sm t
d dr
d
d k rts uiti
s
d
-
ruik
r dr
ddi m t rs:
- Lasstroomgamma:
- Boogspanningsgamma:
- Bruikbaar gas:
- Bruikbare draaddiameters:
- Lasstroomgamma:
- Boogspanningsgamma:
- Bruikbaar gas:
- Bruikbare draaddiameters:
- Lasstroomgamma:
- Boogspanningsgamma:
- Bruikbaar gas:
- Vrije lengte van de draad stick out :
Typisch moet het contactbuisje gelijk liggen met de sproeier of er lichtjes uitsteken
met de fijnste draden en lagere boogspanningen; de vrije lengte van de draad stick-
out zal normaal liggen tussen 5 en 12mm. Het
selecteren voor de koolstofstalen of gelegeerde staalsoorten met C0 - gas draden
met diameter 0,8-1,2mm en
roestvrije stalen en voor aluminium.
Lassen in elke stand, op dunne dikten of voor een eerste operatie
binnen afrondingen bevorderd door de beperkte thermische bijdrage en het goed
controleerbaar bad.
De transfer SHORT ARC voor het lassen van aluminium en legeringen
moet nauwkeurig worden toegepast vooral met draden met een diameter 1mm
omdat er zich hierbij het risico van defecten van smelting kan voordoen.
1
Het smelten van de draad vindt plaats onder hogere spanningen ten opzichte van de
"short arc"; de draadpunt komt niet meer met het smeltbad in contact; vanaf de punt van
het draad begint de boog waar de metaaldruppels, die afkomstig zijn van het constante
smelten van de draadelektrode, doorheen gaan, zonder kortsluiting dus.
- Bruikbare draaddiameters:
- Lasstroomgamma:
- Boogspanningsgamma:
- Bruikbaar gas:
- Bruikbare draaddiameters:
- Lasstroomgamma:
- Boogspanningsgamma:
- Bruikbaar gas:
- Bruikbare draaddiameters:
- Lasstroomgamma:
- Boogspanningsgamma:
- Bruikbaar gas:
Typisch moet het contactbuisje zich aan de binnenkant van de sproeier van 5-10mm
bevinden, des te groter naarmate de boogspanning hoger ligt; de vrije lengte van de
draad stick-out zal normaal liggen tussen 10 en 12mm. Het
gebruiken.
Horizontaal lassen met dikten niet lager dan 3-4mm heel vloeibaar bad ;
de snelheid van uitvoering en het gehalte van afzet liggen heel hoog hoge thermische
bijdrage .
V
1
Het vermogen van het beschermend gas moet zijn:
8-14 l min
12-20 l min
in functie van de intensiteit van de lasstroom en van de diameter van de sproeier.
Wordt voor een gegeven draaddiameter door diens aanvoersnelheid bepaald, en zal
dus met behulp van een potentiometer voor de instelling van de draadtoevoersnelheid
op de draadvoedingsinrichting worden ingesteld. Onthouden moet worden dat voor
een gelijke hoeveelheid gevraagde stroom de aanvoersnelheid van de draad
omgekeerd proportioneel aan de diameter van de gebruikte draad zal zijn.
V
V
t
sk m
d dru
is
t r su t
d dr
d u t i
t sm t
d t t 2
0,6-1,2mm
CO en mengsel Ar CO , Ar CO O
2
2
mengsel Ar O , Ar CO 1-2
2
2
voor dezelfde met Ar CO -gas,
2
mengsel Ar CO , Ar CO O
2
mengsel Ar O , Ar CO 1-2
2
V
De aanwijzende waarden van de stroom in manueel lassen voor de meest gebruikte
draden staan aangeduid in tabel
Kan met behulp van op de stroomgenerator geplaatste keuzeschakelaars met korte
tussenwaarden trapjes worden ingesteld. De spanning wordt op proportioneel
toenemende wijze aan de gekozen aanvoersnelheid van de draad stroom , aan de
diameter van de gebruikte draad en aan de aard van het beschermingsgas, aangepast,
volgens de volgende formule, die een gemiddelde waarde oplevert:
U
14 0,05 x l waarbij:
2
2
U : de boogspanning in Volts;
2
l : de lasstroom in ampères.
2
Er dient rekening mee te worden gehouden dat, ten opzichte van de voor elke
tussenstand geleverde nullastspanning, de boogspanning 2-4V per iedere geleverde
100A lager zal zijn.
Het mengsel Argon CO hebben boogspanningen nodig die 1-2V lager zijn dan die voor
CO .
2
4
De kwaliteit van het lassen in combinatie met een minimale hoeveelheid
geproduceerde spatten, zal voornamelijk worden bepaald door het onderlinge
evenwicht van de lasparameters: stroom
boogspanning, enz. en door de juiste keus van het reactantiecontact.
Op dezelfde wijze zal de stand van de brander aan de ter ori ntatie in de
U
vermelde gegevens moeten worden aangepast, om overmatig spatten en gebreken
aan de lasnaad te voorkomen.
De lassnelheid snelheid waarmee men over de verbinding heen gaat is eveneens een
doorslaggevend element voor een goede lasnaad; hier dient op dezelfde wijze als met
t
de andere parameters rekening mee worden gehouden; vooral met het oog op de
m
r
diepte en vorm van de naad zelf.
De meest voorkomende defecten van het lassen zijn samengevat in
40-210A
14-23V
V
2
2
V
0,8-1mm
40-160A
14-20V
1
2
0,8-1,6mm
75-160A
16-22V
1 1
Ar 99,9
- Vermijden de toorts en haar kabel te doen steunen op warme stukken; dit zou het
5-12mm
smelten van de isolerende materialen kunnen veroorzaken en bijgevolg de toorts
snel buiten werking stellen.
- Regelmatig de dichting van de leiding en de gasaansluitingen controleren.
- Bij elke vervanging van de draadspoel met droge perslucht max 5bar in het
omhulsel draadgeleider blazen, de integriteit ervan verifi ren.
voor de
- Minstens een keer per dag de staat van slijtage en de correctheid van de montage
van de uiteinden van de toorts controleren: sproeier, contactbuisje, gasdiffusor.
1
- Regelmatig de staat van slijtage van de rollen draadtrekker verifi ren, regelmatig het
metalen stof wegnemen dat zich heeft afgezet in de tractiezone rollen en
draadgeleider van ingang en uitgang .
U
U
V
V
V
0,8-1,6mm
180-450A
V
24-40V
2
2
1-1,6mm
140-390A
22- 32V
-
Regelmatig en in ieder geval met een zekere frequentie in functie van het gebruik
en de stofgraad van de ruimte, de binnenkant van de lasmachine nakijken en het
2
stof wegnemen dat zich heeft afgezet op de transformator, de reactantie en de
0,8-1,6mm
gelijkrichter middels een straal droge perslucht max 10bar .
120-360A
-
Vermijden de straal perslucht te richten op de elektronische fiches; zorgen voor hun
24-30V
eventuele schoonmaak met een heel zachte borstel of geschikte oplosmiddelen.
Ar 99,9
- Bij gelegenheid verifi ren of de elektrische verbindingen goed vastgedraaid zijn en
of de bekabelingen geen beschadigingen aan de isolering vertonen.
- Op het einde van deze operaties moet men de panelen van de lasmachine terug
monteren en hierbij de stelschroeven tot op het einde toe vastdraaien.
- Strikt vermijden de lasoperaties uit te voeren met een open lasmachine.
-
adat men het onderhoud of de reparatie heeft uitgevoerd, de verbindingen en
bekabelingen herstellen zoals ze oorspronkelijk waren en erop letten dat ze niet in
contact komen met componenten in beweging of met componenten die hoge
temperaturen kunnen bereiken. Alle geleiders omwikkelen zoals ze oorspronkelijk
waren en erop letten dat de verbindingen van de primaire transformator in hoge
spanning goed gescheiden zijn van die van de secundaire transformators in lage
spanning.
Alle aanpasstukken en de originele schroeven gebruiken om de constructie terug te
sluiten.
V
Voordat men gelijk welke ingreep op de draadtrekker of aan de binnenkant van de
lasmachine uitvoert, moet men het hoofdstuk 7 raadplegen
- 32 -
4 .
2
snelheid draad , draaddoorsnede,
U
U
V
V
U
V
U
U
U
V
U
V
0
4 4
V
V
U
U V
V
.
U V
U
U
V
U
U
U
V
V
U
U