133.
Werkinstructies
Controleer het hele maaigebied zorgvuldig en verwijder alle vreemde voorwerpen voordat je begint
-
met maaien.
Gebruik de grasmaaier alleen als er zich geen derden in de gevarenzone bevinden.
-
Maai alleen als het zicht goed is.
-
Bedien de machine alleen stapvoets.
-
Gebruik de maaier alleen als het mes scherp is.
-
Maai niet over obstakels (bijv. takken, boomwortels).
-
Maai altijd dwars op de helling op hellend terrein. Maai niet bergop of bergaf of op hellingen met
-
een helling van meer dan 20°.
Wees vooral voorzichtig bij het veranderen van richting op hellend terrein.
-
Controleer voor, tussen en na het maaien de luchtinlaten die de elektromotor koelen en verwijder
-
eventuele verstoppingen. Dit mag alleen worden gedaan als de motor is uitgeschakeld,
anders bestaat er een aanzienlijk risico op letsel!
134.
Tips voor het maaiproces
Begin zo dicht mogelijk bij het stopcontact te maaien.
-
Houd de verlengkabel altijd op het deel van het gazon dat al gemaaid is.
-
Houd een constante maaihoogte van 3-5 cm aan; maai het gras niet tot minder dan de helft van de
-
oorspronkelijke hoogte.
Overbelast de grasmaaier niet! Als het motortoerental merkbaar afneemt door lang, zwaar gras,
-
verhoog dan de maaihoogte en maai meerdere keren.
Maai 's ochtends of laat in de middag om te voorkomen dat het pas gemaaide gras uitdroogt.
-
Maai twee keer per week tijdens perioden van sterke groei; verleng de maaiperioden
-
dienovereenkomstig tijdens perioden van weinig neerslag.
135.
Opslag en onderhoud
Het mes vervangen
Om veiligheidsredenen mag je je mes alleen laten slijpen, balanceren en monteren in een erkende
werkplaats. Voor optimale resultaten raden we aan het mes één keer per jaar te controleren.
WAARSCHUWING! Schakel de motor uit voordat u de grasvanger verwijdert en wacht tot het mes
volledig tot stilstand is gekomen.
WAARSCHUWING: Je hebt tuinhandschoenen (niet meegeleverd) en een moersleutel nodig om het
blad te verwijderen.
OPMERKING! Kantel de grasmaaier iets in de richting van de olievulopening zonder hem te kantelen
en reik onder de behuizing.
WAARSCHUWING! Ga altijd voorzichtig met het mes om; scherpe randen kunnen verwondingen
veroorzaken. Gebruik handschoenen. Vervang het metalen mes na 50 maaiuren of uiterlijk na 2 jaar,
wat het eerst komt, ongeacht de staat van het mes.
WAARSCHUWING! Vervang het blad door een nieuw als het gescheurd of beschadigd is.
WAARSCHUWING! Houd het mes niet rechtstreeks met je hand vast.
OPMERKING! Houd het mes scherp om de maaiprestaties te behouden. Als het mes erg versleten,
ingedeukt of bot is, moet het worden vervangen of geslepen. De scherpte van het mes heeft een
grote invloed op de prestaties van de grasmaaier.
Om veiligheidsredenen raden we aan om het blad alleen te laten vervangen door gekwalificeerd en
geautoriseerd vakpersoneel.
115