Let op de symbolenStellen Sie sicher, dass beim Stecken oder Ziehen des
Netzkabels die Station immer ausgeschaltet ist.
1.
Plaats de soldeerbout in de soldeerboutstandaard.
2.
Sluit de aansluitkabel van de soldeerbout aan op het soldeerstation. Let
op de positie van de inkeping in de connector (aan de bovenkant) en
schroef vervolgens de borgring iets vast.
3.
Steek de stekker in een geaard stopcontact
4.
Zet het soldeerstation aan.
NOTITIE: Plaats de soldeerbout altijd in de soldeerboutstandaard als u er niet
mee werkt.
3.4.1 Temperatuurwisselaar
Temperatuur verhogen: Druk kort op de ▲-knop om de temperatuur met
1°C te verhogen. Als u de ▲-toets langer dan 1 seconde ingedrukt houdt , zal
de temperatuur continu stijgen. Laat de ▲-knop los wanneer de gewenste
temperatuur is bereikt.
Temperatuur verlagen: Druk kort op de knop, verlaagt de temperatuur
met 1°C. Als u de knop langer dan 1 seconde ingedrukt houdt , zal de
temperatuur continu dalen. Laat de knop los wanneer de gewenste
temperatuur is bereikt.
3.4.2.Vaste temperaturen programmeren
Op de ★ knop worden in de fabriek 3 vaste temperaturen opgeslagen:
Zet het station aan, door op de ★ knop te drukken wordt geschakeld
1.
tussen de 3 voorgeprogrammeerde vaste temperaturen.
2.
Gebruik de ▲/-toetsen om over te schakelen naar de gewenste
temperatuur als de nieuwe SOL-waarde.
Sla de nieuw ingestelde temperatuur op door de ★ knop langer (3
3.
seconden) ingedrukt te houden.OK wordt weergegeven.
4.
Voer deze procedure uit voor elk van de 3 vaste temperaturen.
GEBRUIKSAANWIJZING
4