om struikgewas en kleine stam-
men met een diameter tot 20 mm
te maaien. Let op wortels of boom-
stronken, er bestaat risico op strui-
kelen.
• Werk voorzichtig en breng niemand
in gevaar bij het maaien.
• Werk alleen bij voldoende zicht en
licht!
• Kijk uit voor de snijkop!
• Maai nooit boven schouderhoogte!
• Vervang het plastic koord nooit
door een staaldraad - kans op let-
sel en schade!
• Werk niet op een ladder!
• Werk alleen op een stevige en sta-
biele ondergrond!
• Vermijd een abnormale lichaams-
houding. Zorg ervoor dat u stevig
en veilig staat en behoud uw even-
wicht.
• Wissel met regelmatige tussenpo-
zen van werkhouding om eenzijdi-
ge vermoeidheid te voorkomen.
• Als de snijkop blokkeert: Schakel
het apparaat uit, wacht tot alle be-
wegende delen volledig tot stil-
stand zijn gekomen en verwijder de
accu's..
Apparaat uitbalanceren
U zult betere werkresultaten krijgen
als het apparaat is uitgebalanceerd in
overeenstemming met de snij-inrich-
ting.
Instructies
Als het apparaat aan de dubbele
schouderriem is bevestigd, moet het
als volgt worden uitgebalanceerd:
• Spoelkap: ligt lichtjes op de bo-
dem.
• Metalen snijgereedschap: balan-
ceert ca. 20 cm boven de bodem.
Procedure
1. Los de schroef (20) met de inbus-
sleutel (15).
2. Verplaats het oog (19) op de bo-
venste schachtbuis (17) tot de bo-
ven vermelde positie is bereikt.
3. Draai de schroef (20) vast.
Werken met de draadspoel
• Houd het apparaat op kleine gras-
perken in een hoek van ongeveer
30° en beweeg de maaikop gelijk-
matig naar rechts en links in een
halfcirkelvormige beweging.
• De beste resultaten verkrijgt u bij
een maximale graslengte van 15
cm. Is het gras hoger, dan raden
we aan om het gras in meerdere
cycli te maaien.
• Om rond bomen, omheiningspalen
of andere hindernissen te maaien,
gaat u met het apparaat langzaam
rond de hindernis en maait u met
de spits van de draad.
• Vermijd contact met vaste obsta-
kels (bijv. stenen, muren, pikethek-
ken, enz.). Dit doet de draad name-
lijk snel verslijten. Gebruik de rand
van de veiligheidsafdekking om het
apparaat op de juiste afstand te
houden.
VOORZICHTIG! Leg de maaikop
niet op de grond als het apparaat in
werking is!
Maaidraad vieren
Uw apparaat is voorzien van een vier-
mechanisme met dubbele draad,
m.a.w. beide draden worden gevierd
wanneer u met de maaikop op de
grond tikt.
Procedure
1. Houd het ingeschakelde apparaat
boven een grasgebied en tik met
de maaikop enkele keren voor-
NL
BE
115