Controleer de botsingssensor
en verwijder eventuele
verontreinigingen.
Reinig de rand-IR-sensor.
De TOF-sensor is defect.
Controleer en reinig de
sensor.
Reinig de oppervlakken van
het voorste deel van de robot
en de onderste sensor om
stof te verwijderen.
De antivalsensor is defect.
Reinig de antivalsensor en
verplaats de robot naar een
nieuwe positie om hem te
starten.
De laserradar is geblokkeerd.
Controleer de laserradar.
De stofopvangbak is lange
tijd niet gereinigd. Maak de
bak onmiddellijk schoon.
Virtuele wand of verboden
gebied gedetecteerd.
Verwijder de robot uit dit
gebied.
NL
De robot zit vast. Verwijder
ieder obstakel rond het
apparaat en probeer het
opnieuw. Plaats de robot
terug op het basisstation.
Er wordt een nieuwe
omgeving gedetecteerd.
Start de reinigingstaak
opnieuw.
GEBRUIKSAANWIJZING · ROBOT VACUÜM
De botsingssensor is vastgelopen. Verwijder
verontreinigingen door op de sensor te tikken.
Als er geen vreemd materiaal aanwezig is,
verplaatst u de robot en start u hem opnieuw.
De rand-IR-sensor is mogelijk verontreinigd.
Reinig de sensor.
De frontsensor is mogelijk verontreinigd.
Reinig de sensor.
Frontsensor, rand-IR-sensor of antivalsensor is
stoffig. Reinig de sensor.
De antivalsensor is mogelijk verontreinigd.
Reinig de antivalsensor en verplaats de robot
naar een nieuwe positie om hem te starten.
De radar op de bovenste toren is geblokkeerd
en de routing is mislukt. Verwijder de
blokkering.
De stofopvangbak is vol. Ledig de
stofopvangbak.
De robot bevindt zich aan een virtuele muur
of verboden gebied. Verwijder de robot uit dit
gebied.
De robot wordt ingeklemd door een obstakel
eromheen. Verwijder eventuele obstakels.
De robot kan het basisstation niet vinden.
Plaats de robot manueel terug op het
basisstation.
De robot bevindt zich in een nieuwe omgeving
en er is nog geen kaart aangemaakt. Start de
reinigingstaak opnieuw.
168