Montage
Montage
Montage
Montage
Montage
Door de exploitant van de installatie
Afsperkleppen voor en na de installatie monteren. De installatie kan met de in
de handel verkrijgbare fittingen en afsluitschuiven aan het waternet worden
aangesloten.
Wij adviseren de installatie met flexibele slangen bijv. met de aansluitset aan
te sluiten. Onthardingsinstallaties met meer dan 90 liter hars per fles moeten
van flexibele
van flexibele
van flexibele
van flexibele – geen onbuigzame – buizen voorzien worden.
van flexibele
De montage met Multiblock E Modul kan alleen met de types Rondomat Duo
2 und 3 plaatsvinden, indien er met versneden water gewerkt wordt (niet bij
resthardheid < 0,1 °d)
resthardheid < 0,1 °d)
resthardheid < 0,1 °d)
resthardheid < 0,1 °d)
resthardheid < 0,1 °d).
Bij vereiste resthardheid < 0,1 °d kan Multiblock GIT Module worden gebruikt.
Neem de separate bedieningshandleiding voor de Multiblock E/GIT Module
en de Aansluitset DN 32/32 in acht.
Bij het type Rondomat 6 kan ook het univentielblok 1
worden.
Attentie: stroomrichtingspijlen op regelventiel in acht nemen
Attentie: stroomrichtingspijlen op regelventiel in acht nemen
Attentie: stroomrichtingspijlen op regelventiel in acht nemen
Attentie: stroomrichtingspijlen op regelventiel in acht nemen
Attentie: stroomrichtingspijlen op regelventiel in acht nemen.
Alleen installaties van het type 6 en 10
Alleen installaties van het type 6 en 10
Alleen installaties van het type 6 en 10
Alleen installaties van het type 6 en 10
Alleen installaties van het type 6 en 10
De installaties 6 en 10 worden ongevuld en gedemonteerd geleverd.
1. Onthardingszuilen (1+2
1+2
1+2
1+2
1+2) op een geschikte plaats opstellen (zie
montageschema), middenbuizen verwijderen. Attentie!
niet verwisselen! De lengte van de middenbuis met verdeler is precies
op deze onthardingszuil afgestemd.
Controleer of de onthardingszuilen schoon en leeg zijn.
2. De verdeler aan het onderste uiteinde van de middenbuis heeft een
kuiltje. Onder aan de onthardingszuil bevindt zich een kegel.
Middenbuizen met verdelermondstuk naar beneden op de kegels
onder in de onthardingszuilen zetten. De kegel fixeert de verdeler van
de middenbuis. Middenbuizen met beschermkappen afsluiten.
Attentie! Bij het vullen mag er zich in geen geval grind onder
Attentie! Bij het vullen mag er zich in geen geval grind onder
Attentie! Bij het vullen mag er zich in geen geval grind onder
Attentie! Bij het vullen mag er zich in geen geval grind onder
Attentie! Bij het vullen mag er zich in geen geval grind onder
het verdelermondstuk bevinden, anders bestaat breukgevaar
het verdelermondstuk bevinden, anders bestaat breukgevaar
het verdelermondstuk bevinden, anders bestaat breukgevaar
het verdelermondstuk bevinden, anders bestaat breukgevaar
het verdelermondstuk bevinden, anders bestaat breukgevaar
bij het er opschroeven van het regelventiel.
bij het er opschroeven van het regelventiel.
bij het er opschroeven van het regelventiel.
bij het er opschroeven van het regelventiel.
bij het er opschroeven van het regelventiel.
3. Zet de vultrechter erop en vul er vervolgens eerst het grove grind,
dan het fijne grind en tenslotte het uitwisselhars gelijkmatig rondom
de middenbuis in. De laatste paar zakken uitwisselhars met een
desinfecterende oplossing doorspoelen.
Mengen van de desinfecterende oplossing:
6 g Certisil-poeder voor 10 liter water
6 g Certisil-poeder voor 10 liter water
6 g Certisil-poeder voor 10 liter water
6 g Certisil-poeder voor 10 liter water
6 g Certisil-poeder voor 10 liter water
V V V V V eiligheidsaanwijzing!
eiligheidsaanwijzing!
eiligheidsaanwijzing!
eiligheidsaanwijzing!
eiligheidsaanwijzing! Bij het mengen en doorspoelen
wegwerphandschoenen gebruiken.
V V V V V ulhoe
ulhoe
ulhoev v v v v eelheden per onthardingszuil
ulhoe
eelheden per onthardingszuil
eelheden per onthardingszuil
ulhoe
eelheden per onthardingszuil
eelheden per onthardingszuil
T T T T T ype
ype
ype
ype
ype
grind,
grind,
grind, grof
grind,
grind,
grof
grof
grof
grof
grind, fijn
grind, fijn
grind, fijn
grind, fijn
grind, fijn
6 6 6 6 6
1 zak
1 zak
= 10 l
= 4 l
10
10
10
10
10
1 zak
1 zak
= 10 l
= 7 l
Watermeter
Watermeter
Watermeter
Watermeter
Watermeter
12+13
12+13
12+13
12+13
12+13
14+15
14+15
14+15
14+15
14+15
Fig. 1a
moeten
moeten
moeten
moeten
(niet bij
(niet bij
(niet bij
(niet bij
1
/
" artikelnr.: 11822 gebruikt
2
Attentie!
Attentie! Middenbuizen
Attentie!
Attentie!
hars
hars
hars
hars
hars
desinfecterende
desinfecterende
desinfecterende
desinfecterende
desinfecterende
oplossing
oplossing
oplossing
oplossing
oplossing
4 zakken
ca. 40 l
= 100 l
6 zakken
ca. 50 l
= 150 l
Fixatieplaat voor besturingseenheid Soft-
Fixatieplaat voor besturingseenheid Soft-
Fixatieplaat voor besturingseenheid Soft-
Fixatieplaat voor besturingseenheid Soft-
Fixatieplaat voor besturingseenheid Soft-
Control hier opschroeven
Control hier opschroeven
Control hier opschroeven
Control hier opschroeven
Control hier opschroeven
Desinfecterende oplossing verder bijvullen tot deze ca. 2 cm boven
de hars staat.
De desinfecterende oplossing moet 1 uur in de onthardingszuil
De desinfecterende oplossing moet 1 uur in de onthardingszuil
De desinfecterende oplossing moet 1 uur in de onthardingszuil
De desinfecterende oplossing moet 1 uur in de onthardingszuil
De desinfecterende oplossing moet 1 uur in de onthardingszuil
blijven. De installatie mag op zijn vroegst 1 uur na het bijvullen
blijven. De installatie mag op zijn vroegst 1 uur na het bijvullen
blijven. De installatie mag op zijn vroegst 1 uur na het bijvullen
blijven. De installatie mag op zijn vroegst 1 uur na het bijvullen
blijven. De installatie mag op zijn vroegst 1 uur na het bijvullen
in bedrijf genomen worden.
in bedrijf genomen worden.
in bedrijf genomen worden.
in bedrijf genomen worden.
in bedrijf genomen worden.
4. Verwijder zorgvuldig de hars van de bovendelen der
onthardingszuilen en van het schroefdraad. Beschermingskappen
van de middenbuizen nemen. Middenbuizen niet meer
van de middenbuizen nemen. Middenbuizen niet meer
van de middenbuizen nemen. Middenbuizen niet meer
van de middenbuizen nemen. Middenbuizen niet meer
van de middenbuizen nemen. Middenbuizen niet meer
omhoogtrekken.
omhoogtrekken.
omhoogtrekken.
omhoogtrekken.
omhoogtrekken.
5. O-ringen met vet van levensmiddelkwaliteit (bijvoorbeeld vaseline)
insmeren en regelventiel (3 3 3 3 3 ) resp. adapter (4 4 4 4 4 ) dichtend op de
onthardingszuilen vastdraaien. Hierbij moeten de middenbuizen
precies passen in de met o-ringen afgedichte openingen van het
regelventiel resp. in de adapter.
Onthardingszuilen in aansluitpositie draaien. O-ringen over de gewapende
17
17
slangen (17
17) trekken. Gewapende slangen in het regelventiel en adapter
17
steken en met twee bevestigingsklemmen (18
Fixatieplaat voor besturingseenheid Soft-Control bevestigen
Twee schroeven aan het regelventiel (zie onder) eruit draaien en de
fixatieplaat met deze schroeven bevestigen. Soft-Control en nettrans-
formator vastschroeven aan de fixatieplaat.
Aansluiting aan het plaatselijke waterleidingnet
Aansluiting aan het plaatselijke waterleidingnet
Aansluiting aan het plaatselijke waterleidingnet
Aansluiting aan het plaatselijke waterleidingnet
Aansluiting aan het plaatselijke waterleidingnet
De plaatselijke hard en zacht waterleidingen moeten overeenkomstig
aan de in- en uitgang van het leidingsysteem worden aangesloten.
Solslang (9 9 9 9 9 ) op de aansluithoek van de solslangaansluiting (16
en de borgmoer vastdraaien.
De spoelwaterslang (16 x 3) aan de spoelwateraansluiting (10
slangklem bevestigen, met natuurlijk verloop naar de waterafvoer leiden
en „drukveilig" bevestigen.
Attentie!
Attentie!
Attentie!
Attentie!
Attentie!
Indien de spoelslang boven het apparaat wordt bevestigd (max. 1,5 m),
dan moet bij inbedrijfname de voordruk aan de injector door de service-
dienst opnieuw worden ingesteld.
De slang (13 x 2) op het veiligheidsverloop (8 8 8 8 8 ) van het solreservoir
steken, met slangklem borgen en met verloop naar de waterafvoer
(riool) leiden. Bij beide slangen mogen geen vernauwingen optreden.
Let op:
Let op:
Let op: Conform DIN 1988 moeten de spoelwater- en de overloopslang
Let op:
Let op:
gescheiden aangelegd en met minstens 20 mm afstand tot het hoogst
mogelijke waterafvoerniveau worden bevestigd (vrije afvoer).
Elektrische aansluitingen installeren
Elektrische aansluitingen installeren (zie klemmenplan; ventielblok
Elektrische aansluitingen installeren
Elektrische aansluitingen installeren
Elektrische aansluitingen installeren
8-aderig, kabels zijn genummerd; zouttekort, watermeter, trafo).
Attentie: De nettransformator aan het regelventiel is volgens
Attentie: De nettransformator aan het regelventiel is volgens
Attentie: De nettransformator aan het regelventiel is volgens
Attentie: De nettransformator aan het regelventiel is volgens
Attentie: De nettransformator aan het regelventiel is volgens
bevestigingswijze Z (EN 60335-1) aangebracht. Bij beschadiging
bevestigingswijze Z (EN 60335-1) aangebracht. Bij beschadiging
bevestigingswijze Z (EN 60335-1) aangebracht. Bij beschadiging
bevestigingswijze Z (EN 60335-1) aangebracht. Bij beschadiging
bevestigingswijze Z (EN 60335-1) aangebracht. Bij beschadiging
van de leiding moet de complete nettransformator worden
van de leiding moet de complete nettransformator worden
van de leiding moet de complete nettransformator worden
van de leiding moet de complete nettransformator worden
van de leiding moet de complete nettransformator worden
vervangen.
vervangen.
vervangen.
vervangen.
vervangen.
4 1
3 2
Beschermingskappen
Beschermingskappen
Beschermingskappen
Beschermingskappen
NL NL
NL
NL NL
18) vastmaken.
18
18
18
16
16
16
16) steken
10
10
10
10) met
16 16
16 16
16
Magneetklep
Magneetklep
Magneetklep
Magneetklep
Magneetklep
10 10
10 10
10
97
97
97
97
97