Vervang altijd een beschadigde meter voordat u het apparaat opnieuw
•
gebruikt.
VOORZICHTIGHEID!
Mogelijk gevaar dat kan leiden tot matige verwondingen of schade aan de
apparatuur.
Zorg te allen tijde voor een goede houding om een goed evenwicht te
•
garanderen.
Draag geen horloges, ringen, armbanden of losse kleding wanneer u
•
luchtgereedschap gebruikt.
Voor optimale veiligheid en optimale prestaties van het gereedschap dient
•
u het gereedschap dagelijks te inspecteren om er zeker van te zijn dat de
trekker, de veiligheidsmechanismen en de veren vrij kunnen bewegen.
Houd de werkplek schoon. Een rommelige of vuile werkbank kan leiden tot
•
een ongeval. Vloeren moeten vrij blijven.
• Dit gereedschap is geen speelgoed. Gebruik het met de nodige
voorzichtigheid.
Gebruik het gereedschap in een goed geventileerde ruimte.
•
Controleer of het gereedschap stilstaat voordat u het na gebruik weglegt.
•
Behandeling en opslag van olie: Gebruik met voldoende ventilatie. Vermijd
•
contact van de olie met ogen, huid en kleding. Vermijd inademing van spray
of nevel. Bewaren in een goed gesloten verpakking op een koele, droge,
goed geventileerde plaats, vrij van onverenigbare stoffen.
Gebruik het gereedschap niet bij temperaturen onder het vriespunt, omdat
•
dit tot defecten van het gereedschap kan leiden.
Bewaar het gereedschap niet in een vriesomgeving om ijsvorming op de
•
bedieningskleppen van het gereedschap te voorkomen. Dit kan namelijk tot
defecten aan het gereedschap leiden.
Koppel het gereedschap los van de luchttoevoer en
•
schakel de compressor uit voordat u accessoires
verwisselt, onderhoud uitvoert, service uitvoert, het
gereedschap niet gebruikt, het aan iemand anders
doorgeeft of het onbeheerd achterlaat. Het niet naleven
hiervan kan leiden tot matig letsel of schade aan de