10. Aanwijzingen voor het radiografische
bereik
Bereik en storingen
• De draadloze rookmelder werkt in het 868 MHz-bereik dat ook door andere
radiografische diensten wordt gebruikt. Daarom kan, door apparaten die op
dezelfde of een aangrenzende frequentie werken, het gebruik en bereik
worden beperkt.
• Het aangegeven bereik van maximaal 100m is het bereik in het open veld,
dat wil zeggen het bereik bij zichtcontact tussen zender en ontvanger. In de
praktijk bevinden zich echter muren, plafonds, garages of bijgebouwen
tussen zender en ontvanger waardoor het bereik uiteraard wordt beperkt.
• De effectief haalbare afstand tussen zender (rookmelder "RM50") en
ontvanger (alarmkiezer "AW50") bij normaal gebruik is sterk afhankelijk van
de montageplaats en de omgeving.
Gewoonlijk moet bij montage in bijv. een eengezinswoning een storingsvrije
werking zonder problemen in de radiografische ontvangst mogelijk zijn.
Overige oorzaken voor een verminderd bereik:
• Allerlei hoogfrequente storingen
• Bebouwing van welke aard dan ook en vegetatie
• Geleidende metalen componenten die zich in de nabijheid van het apparaat
bevinden resp. binnen of in de buurt van het radiografische bereik bevinden,
bijv. centrale verwarming, ramen van isolatieglas, plafondconstructies met
gewapend beton, enz.
• Beïnvloeding van de stralingskarakteristiek van de antenne door de afstand
van zender of ontvanger tot geleidende oppervlakken of voorwerpen (ook
tot personen of vloer).
• Breedbandstoringen in stedelijke gebieden die de signaal-ruis afstand
verkleinen; het signaal wordt in deze „ruis-chaos" niet meer herkend.
• Instraling van gebrekkig afgeschermde elektronische apparatuur, bijv.
openbaar gebruikte computers, enz.
82