7.2. Vermogen van de saunaoven
Indien de wanden en het plafond bedekt zijn met panelen, en de isolatie achter de panelen voldoende is
om te voorkomen dat de wanden teveel warmte opnemen, dan wordt het vermogen van de saunaoven
bepaald door de kubieke inhoud van de sauna. Niet-geïsoleerde wanden (steen, glasblokken, glas, beton,
tegels enz.) doen de behoefte aan warmtelevering toenemen. Voeg 1,2 m³ aan de inhoud van de sauna
toe voor elke vierkante meter niet-geïsoleerde wand of plafond. Een saunaruimte van 10 m³ met een
glazen deur vereist bijvoorbeeld evenveel warmtelevering als een saunaruimte van ongeveer 12 m³. Als
de saunaruimte wanden van houtblokken heeft, vermenigvuldig de inhoud dan met 1,5. (5. Technische
informatie)
7.3. Blakeren van de saunawanden
Het is normaal dat houten oppervlakken van de saunaruimte na verloop van tijd geblakerd raken. Dit kan
sneller plaatsvinden door:
•
zonlicht
•
hitte van de oven
•
beveiligingsmiddelen op de wanden (beveiligingsmiddelen zijn weinig hittebestendig)
•
fijne stofdeeltjes die loskomen van de saunastenen en die opstijgen met de warme luchtstroom.
7.4. Ventilatie van de saunaruimte
De temperatuursensor moet altijd op de aangegeven plaats worden geïnstalleerd. Als
de minimale afstand tot de luchttoevoerklep niet wordt aangehouden, moet de venti-
latie worden aangepast!
Plaats de luchttoevoerklep zo, dat de luchtstroom de temperatuursensor niet afkoelt.
•
De lucht in de saunaruimte moet zes keer per uur ververst worden.
Mechanische ventilatie: De luchttoevoerklep moet zich in het bovenste deel van de sauna bevinden,
•
zodat de luchtstroom de werking van de temperatuursensor niet hindert. (Figuur 9. Minimale afstand
van de luchttoevoerklep tot de temperatuursensor.)
•
Drukventilatie: De luchttoevoerklep moet onder of naast de saunakachel geïnstalleerd worden. De
diameter van de luchttoevoerklep moet tussen 50 mm en 100 mm bedragen.
•
Luchtafvoerklep. Plaats de luchtafvoerklep in de buurt van de vloer, zo ver mogelijk bij de saunakachel
vandaan. De diameter van de luchtafvoerklep moet twee keer zo groot zijn als de diameter van de
luchttoevoerklep.
•
Optionele ontluchtingsklep om te drogen (gesloten tijdens opwarmen en baden). De sauna kan ook
worden gedroogd door de deur na gebruik van de sauna open te laten.
•
Als de luchtafvoerklep zich in de wasruimte bevindt, moet de klep onder de saunadeur minstens 100
mm zijn. Mechanische afzuiging is verplicht.
NL
19
19