Herunterladen Inhalt Inhalt Diese Seite drucken

Evolution R255 SMS-DB Originalbetriebsanleitung Seite 263

Vorschau ausblenden Andere Handbücher für R255 SMS-DB:
Inhaltsverzeichnis
Verfügbare Sprachen
  • DE

Verfügbare Sprachen

  • DEUTSCH, seite 40
www.evolutionpowertools.com
De geleider wordt op de tafel bevestigd met vier
(4) inbusschroeven (Afb. 38), twee (2) links en
twee (2) rechts. Alle vier (4) zijn bereikbaar via de
langwerpige sleuven in het geleiderhuis.
• Zorg ervoor dat de zaagkop in de
vergrendelde positie staat met de
vergrendelingspen volledig in zijn houder.
• Plaats een gradendriehoek op de tafel met de
ene kant tegen de tafel en de andere kant tegen
het zaagblad (vermijd aanraken van de TCT-
punten). (Afb. 39)
• Indien aanpassing noodzakelijk is, maakt u de
vier (4) afstelschroeven van de geleider los met
een inbussleutel.
• Positioneer de geleider opnieuw in zijn
langwerpige sleuven totdat uitlijning bereikt is.
• Draai de inbusschroeven stevig aan, aan beide
kanten.
WIJZERAANPASSING VERSTEKHOEK
Opmerking: Aan de voorkant van de sokkel van
de machine zitten dubbele verstekhoekschalen.
Een kleine wijzer aan de draaitafel geeft de
gekozen hoek aan.
Als dat nodig is, kan de wijzer opnieuw
gepositioneerd worden door de
bevestigingsschroef los te draaien met #2
kruiskopschroevendraaier. Stel de wijzer
in zoals nodig is en draai vervolgens de
bevestigingsschroef stevig aan. (Afb. 40)
DE DIEPTESTOP (Afb. 41)
Gebruik van de dieptestop geeft de bediener
de mogelijkheid om gleuven in het werkstuk te
zagen.
De neerwaartse beweging van de zaagkop kan
worden begrensd zodat het zaagblad niet volledig
door het werkstuk zaagt.
Opmerking: Bij het gebruik van de dieptestop is het
aanbevolen om de diepte te controleren met gebruik
van een stukje afvalhout om te verzekeren dat de
gleufsnede correct is.
Door een snede in het werkstuk te maken en
vervolgens de snede te herhalen nadat het werkstuk
iets naar links of rechts verplaatst is, is het mogelijk
om sleuven te zagen.
Gebruik van de dieptestop:
• Plaats de 'stopplaat' van de dieptestop (Afb.
41-A) door deze vanuit de opslagpositie naast de
machine in horizontale werkpositie te draaien.
• Draai de kartelmoer los. (Afb. 41-b)
• Pas de duimschroef aan (Afb. 41-c)
om de beweging van de zaagkop tot de gewenste
diepte te beperken.
• Zodra de gewenste diepte ingesteld is, draait u de
kartelmoer aan (Afb. 41-d) tegen de beugel om de
dieptestop te vergrendelen en te verzekeren dat er
geen beweging is.
• Wanneer u klaar bent met zagen, stelt u de
dieptestop opnieuw in of brengt u de stopplaat
terug in opslagpositie.
• Controleer dat de zaagkop in laagste stand
vergrendeld kan worden met de borgpen van de
zaagkop.
BOVENSTE SCHUIFGELEIDER (Afb. 42)
Beide zijden van de geleider van de machine
hebben verstelbare bovendelen. Deze delen
kunnen naar buiten schuiven, weg van het
zaagblad, en kunnen worden afgesteld zoals nodig.
Aanpassing kan nodig zijn wanneer een bepaalde
scherpe afschuining of bepaalde samengestelde
hoeken worden geselecteerd om ruimte te bieden
voor de bewegende zaagkop en het blad wanneer
een snede wordt gemaakt.
Voor het aanpassen van de geleider:
• Maak de duimschroef los. (Afb. 43)
• Schuif het gekozen bovengedeelte van de
geleider weg van het blad in de gewenste stand
en draai de duimschroef aan.
• Vervolgens proefdraaien met de stroom uit:
controleer, met de stekker uit het stopcontact,
dat de bewegende onderdelen elkaar niet raken
of hinderen bij het omlaagbrengen van de
zaagkop en het zaagblad om een schuifsnede
te maken.
DE LASER
Deze machine is voorzien van een lasergeleider
voor het zagen. Dit geeft de bediener de
mogelijkheid om het pad van de zaag door het
werkstuk te beschouwen. De AAN/UIT-schakelaar
voor de lasergeleider bevindt zich links op de
zaaghandgreep. (Afb. 44)
Voorkom direct oogcontact met de laserstraal en
gebruik de laserstraal niet op materiaal dat de
laserstraal zou kunnen reflecteren.
WAARSCHUWING: Kijk niet recht in de
laserstraal. Rechtstreeks in de lasterstraal
kijken kan gevaarlijk zijn. Volg al de volgende
veiligheidsregels op.
• De laserstraal mag niet op personen gericht
worden en er moet voor gezorgd worden dat de
laserstraal niet rechtstreeks in de ogen van een
persoon of dier gericht wordt.
• Zorg er altijd voor dat de laserstraal alleen wordt
gebruikt op werkstukken die niet-reflecterende
oppervlakken hebben, zoals hout of matte
oppervlakken enz.
• Vervang de lasermodule nooit voor een ander type
of een andere klasse laser.
• Reparaties aan de lasermodule mogen alleen
uitgevoerd worden door Evolution Power Tools of
hun geautoriseerde vertegenwoordigers.
263
NL
Inhaltsverzeichnis
loading

Inhaltsverzeichnis