www.evolutionpowertools.com
DE AFSCHUININGSNEK
Opmerking: De afschuiningsnek is gemonteerd op
de draaitafel. De afschuiningsnek dient op de 0° te
worden ingesteld.
• Draai de borgschroef voor afschuining los met
behulp van de vergrendelingshendel voor
afschuining. (Afb. 66)
• Draai de afschuiningsnek naar de verticale stand
zodat deze tegen de 0° rust.
• Maak de vergrendelingshendel voor afschuining
vast.
DE SCHUIFRAILS INZETTEN
BELANGRIJK: Als om welke reden dan ook
(transportschade, uitpakfout, bedieningsfout,
enz.) de borgpennen aan het uiteinde van de
armen van de schuifrail zijn 'geactiveerd' , kan de
rail niet in de afschuiningsnek of op de zaagkop
worden geplaatst.
De borgpennen moeten worden gereset, al een
ervan of beide voortijdig 'geactiveerd' zijn. (Afb.
10)
De borgpennen resetten:
• Duw de uitstekende nok voorzichtig in de
arm van de rail.
• Schuif de plunjer voor de pasnok voorzichtig
naar voren door een platte schroevendraaier (niet
meegeleverd) als hefboom te gebruiken. (Afb. 11)
De twee armen van de schuifrail (2) moeten
gestoken worden in de twee lineaire lagers in de
afschuiningsnek.
De schuifrail moet vanaf de achterkant worden
geplaatst, zodat het Evolution-logo juist staat. (Afb.
12)
• Schuif de schuifrailarmen door de afschuiningsnek
tot ongeveer de helft van hun lengte.
• Schroef de borgschroef van de schuifrail in het
schroefgat boven de rechterarm van de schuifrail.
(Afb. 13)
Opmerking: Zorg ervoor dat de anti-trillingsveer
onder de knop zit voordat u de borgschroef in de
werkstand vastdraait.
• Draai de borgschroef vast om de rail in de
gewenste positie te vergrendelen.
DE ZAAGKOP PLAATSEN
• Lijn de zaagkop uit met de twee (2) armen van de
schuifrail. (Afb. 14a)
• Druk de zaagkop stevig op de armen van de
schuifrail totdat u de klik hoort dat de pasnokjes
pakken. Afb. 14b
Opmerking: De uitgezette pasnokjes moeten
volledig zichtbaar zijn vanaf de zijkant van de
zaagkop. (Afb. 15a, 15b) De pasnokjes zijn groen,
zodat ze gemakkelijk te herkennen zijn.
Er zijn twee M6 x 12 mm schroeven meegeleverd, die
in de kop van de zaag moeten worden geschroefd
op de plaats waar de zaagkop de achterkant van de
schuifrail ontmoet.
Dit houdt de rails op hun plaats en vermindert
eventuele wiebelingen. (Afb. 15c) De twee
schroeven zijn geleverd in de verpakking bij de
achterste kabelgeleiderklem. Deze 2 schroeven
kunnen gemonteerd worden met de meegeleverde 4
mm inbussleutel.
TAFELVERLENGINGEN VAN DE MACHINE (Afb.
16)
Deze machine wordt geleverd met twee (2)
tafelverlengstukken.
De tafelverlengingen plaatsen:
• Verwijder de inbusschroeven van de tafel met de
meegeleverde 4 mm inbussleutel. (Afb. 17)
• Plaats het verlengstuk op de tafel en zet het vast in
werkstand met behulp van de inbusschroeven.
• Herhaal dit voor het tweede verlengstuk.
DE VOEDINGSKABEL AANLEGGEN
WAARSCHUWING: Deze machine is uitgerust met
een netsnoer en een gegoten stekker die voldoet
aan de voorschriften van het ontvangende
land. Indien beschadigd mogen deze kabel en
stekker alleen worden vervangen door originele
Evolution-vervangingsonderdelen en worden
gemonteerd door een bekwame technicus.
• Zorg ervoor dat de zaagkop zich in de
laagste stand bevindt.
• Zorg ervoor dat de geleideslede zich in de meest
voorwaartse stand bevindt en vergrendeld is.
(Afb. 18)
Vanaf de motor moet het netsnoer eerst door de
voorste kabelgeleider geleid worden. Vervolgens
moet het snoer naar achteren geleid worden. (Afb.
19)
De kabel moet in de achterste kabelgeleider/klem
worden gestoken. Voor 230-V-modellen, zorg dat
de kabelgreepcomponent in de kabelgeleider zit
wanneer het snoer erdoor gaat.
Deze geleider/klem moet dan met behulp van de
zelftappende dopschroef (bijgeleverd) achter aan de
schuifrail (rechterzijde) bevestigd worden. (Afb. 20)
Opmerking: De kabel mag over de gehele lengte
nergens strak zitten. (Afb. 21)
Breng de zaagkop omhoog en omlaag (zie
onderstaand 'Ontgrendelen en omhoogbrengen
van de zaagkop) en beweeg de schuifrails.
Controleer of de kabel niet verstrikt raakt in andere
delen van het apparaat. Controleer ook of de kabel
niet is uitgerekt tijdens de bedieningsprocedures.
259
NL