NL
BE
3. Spreiddezaagketting(6)ineenlusuit,
zodat de snijkanten rechtsom zijn uitge-
lijnd. Raadpleeg het pictogram onder
hetkettingwiel(20)omdezaagketting
(6)uittelijnen.
4. Legdezaagketting(6)indezwaard-
sleuf.Houdhetzwaard(7)voorde
montage in een hoek van ca. 45
graden naar boven gezwenkt om de
zaagkettinggemakkelijkervanhet
kettingrondsel(20)tekunnenbrengen.
Het is normaal als de zaagketting door-
hangt.
5. Plaatshetzwaard(7)endeketting(6)
opderailpin(19).Alsdepen(19a)
rechtsvanderailbout(19)indelang-
gatuitsparingvanhetzwaardzit,zit
het zwaard goed. Het is normaal dat
deketting(6)doorhangt.
6. Plaatsdekettingwielkap(13).Daarbij
moethetkettingspanbalkje(21)aande
binnenkant van de kettingwielafdekking
(13)indehoudervoorhetkettingspan-
balkje(22)wordengestoken.
7. Draaidebevestigingsschroef(11)van
de kettingwielafdekking (
jes vast.
8. Spandeketting(6)voor,doorde
schroef voor ketting-snelspansysteem
(12)rechtsomtedraaien.
9. Draaidebevestigingsschroef(11)vast.
Opgepast!
De zaag kan olie verliezen.
Let u alstublieft erop dat de zaag na ge-
bruikkannaoliënofleeglopen,vooralals
zezijdelingsofopkopwordtgelegerd.Dit
isnormaalenwordtdoordenoodzakelij-
ke verluchtingsopeningen in de bovenste
112
Looprichting van de
zaagketting
) licht-
tankrand veroorzaakt en is geen reden tot
klacht. Aangezien elke zag in de productie
gekontrolleerdenmetoliegetestwordt,
kanhetzijndatondanksledigingeenklein
beetjeolieindetankgeblevenis,welke
tijdenshettransportdebehuizinglichtmet
olie bevuild. Maak de behuizing met een
vod schoon.
Vooraleerudekettingvervangt,moetde
gleuf van de geleidingsrail worden schoon-
gemaaktomdatbijaanwezigevuilafzettin-
gen de ketting uit de rail kan springen. Het
vuil kan ook de kettingolie opzuigen. Het
gevolgzouzijndatdekettingolienietof
slechts in geringe mate aan de onderkant
van de rail komt en de smering dus gere-
duceerd wordt.
Kettingaanspannen
Het regelmatig aanspannen van de ketting
dient voor de veiligheid van de gebruiker
envermindertofverhindertslijtageen
kettingschade. We raden de gebruiker aan
voor het aanvatten van het werk en met
intervallen van ca. 10 minuten de ketting-
spanning te controleren en indien nodig te
corrigeren.
Tijdenswerkenmetdezaagwordtde
ketting warm en zet daardoor een beetje
uit. Met dit "langer worden" moet in het
bijzonderbijnieuwekettingenrekening
worden gehouden.
De ketting niet aanspannen of ver-
vangenalsdezenogheetis,omdat
ze na het afkoelen opnieuw een beetje
inkrimpt.Bijniet-nalevingkanditleidentot
schadeaandegeleidingsrailofdemotor,
omdat de ketting dan te strak rond het
zwaardligt.Kettingspanningen-smering
beïnvloedenaanzienlijkdelevensduurvan
de ketting.