NL
Nederlands
5.3 De meting uitvoeren
• Meet uw bloeddruk op een rustige plek, in een ontspannen en gemakkelijke zithouding.
• De meting kan worden gedaan aan de rechter- of de linkerarm. We adviseren om de meting
uit te voeren op de linkerbovenarm. Op de lange termijn moet de arm die hogere metingen
geeft, worden gebruikt voor de bloeddrukcontrole. Als er echter een zeer duidelijk verschil is
tussen de metingen op de beide armen, moet u overleggen met uw arts welke arm u moet
gebruiken voor het meten.
• Meet altijd aan dezelfde arm en plaats uw onderarm in een ontspannen positie op een
ondersteunend oppervlak.
• We adviseren om uw bloeddruk te meten, terwijl u met uw rug ondersteund door de
rugleuning van de stoel zit. Plaats beide voeten naast elkaar, plat op de vloer. Uw benen niet
kruisen. Plaats uw onderarm en hand met uw handpalm naar boven gericht in een
ontspannen positie op een ondersteunend oppervlak en zorg ervoor dat de manchet zich
op dezelfde hoogte als uw hart bevindt.
• Meet uw bloeddruk niet nadat u een bad hebt genomen of hebt gesport.
• Ten minste 30 minuten voor de meting niet eten, drinken of sporten.
• Wacht ten minste één minuut tussen twee metingen.
5.4 De meting starten
De Veroval® duo control biedt u twee meetmodi. Afhankelijk van de situatie en uw
voorkeur kunt u kiezen tussen een reguliere enkelvoudige meting
(standaardmodus) of een volledig automatische meervoudige meting (expertmodus).
Standaardmodus (enkelvoudige meting)
• Start een meting pas nadat u de manchet hebt aangebracht, omdat de manchet anders
mogelijk beschadigd kan raken door de overmatige druk die wordt gecreëerd. Druk op de
START/STOP-knop . Het verschijnen van alle displaysegmenten, gevolgd door de datum en
tijd geeft aan dat de meter een geautomatiseerde controle uitvoert en klaar is voor gebruik.
• Controleer de displaysegmenten op compleetheid (zie afbeelding in hoofdstuk 1).
• Na ongeveer 3 seconden wordt de manchet automatisch opgepompt. Als deze oppompdruk
onvoldoende is of als er interferentie wordt ervaren tijdens de meting, verhoogt het
apparaat de druk naar de geschikte hogere drukwaarde met stappen van 30 mmHg. Tijdens
het oppompen neemt de indicator van de resultaten aan de linkerkant van het scherm op
hetzelfde moment ook toe. (Als er geen hartslag wordt gedetecteerd, pompt het apparaat
op tot een maximum van ongeveer 180 mmHg.)
IFU_SK2_9255023_0307623_010224.indd 62
IFU_SK2_9255023_0307623_010224.indd 62
62
14.02.24 10:51
14.02.24 10:51