Smeer de kettingen en rollen voordat je de rondbuigmachine voor het eerst ge-
bruikt!
De bovenste ledematen moeten uit de buurt van de machine blijven tijdens het
invoeren en verwerken van het werkstuk. Verpletterend gevaar!
De plaatdikte aanpassen
• De plaatdikte wordt ingesteld met de twee stelschroeven (7).
• Losschroeven vergroot de ruimte tussen de bovenste en onderste rol, vastschroeven
verkleint deze.
• Het is voordelig om eerst het vel in te leggen en dan de afstand tussen de twee rollen
aan te passen zodat ze in contact komen met het vel.
De geleiderol afstellen
• De geleiderol (4) wordt afgesteld met de twee stelschroeven (2).
• Om een grotere afrondingsstraal van de plaat te krijgen, moeten de stelschroeven
worden losgedraaid.
• Voor een kleinere afrondingsstraal moeten de stelschroeven worden ingedraaid.
• Om rechte buizen te produceren, moet de geleiderol (4) parallel aan de andere
rollen worden ingesteld.
• Voor conische buizen moet de geleiderol (4) onder een hoek worden ingesteld. Hier-
voor moet een van de stelschroeven (2) evenredig dieper worden ingedraaid dan de
andere.
Materiaal voorbereiden
Het materiaal moet aan de volgende eisen voldoen:
• Droog en schoon, vrij van olie.
• De materiaaldikte moet overeenkomen met de specificaties. (zie technische gege-
vens)
• Het materiaal moet overal één hardheidsgraad hebben.
• Het is raadzaam om materiaal van hoge kwaliteit te kopen.
• Het oppervlak van de te buigen gebieden moet glad zijn.
Een volledige bocht in één keer is niet mogelijk. Er zijn meerdere gangen nodig om de
gewenste radius te bereiken. Krappe bochten en volledige radii vereisen altijd meerdere
passages. Bewerk het werkstuk altijd in het midden van de rollen.
NL
V. 1.1
Inbedrijfstelling
9