18. Stel uw rijsnelheid altijd af naargelang de
rijomstandigheden. Vermijd snelle bochten
wanneer u een heuvel op- of afrijdt of over
heuvels rijdt!
19. De prestaties tijdens het rijden en de
draaimogelijkheden wijzigen wanneer er
werktuigen zijn verbonden of aan de tractor
zijn gemonteerd. Let op dat u voldoende
ruimte hebt om te draaien of te remmen!
20. In bochten dient u rekening te houden met
de lading die zich buiten het centrum van de
zwaartekracht bevindt en/of het constante
gewicht van het werktuig!
21. Verbind het werktuig alleen wanneer alle
veligheidsvoorzieningen zijn gemonteerd en
het werktuig is vastgemaakt!
22. Het is verboden om in het gevarenbereik
van de machine te werken!
23. Blijf uit de buurt van de draaicirkel van de
machine.
24. Hydraulische kleppen, deuren, etc. kunnen
alleen in werking treden wanneer er zich
niemand in het werkgebied bevindt!
25. Op alle onderdelen van de machine die
mechanisch
of
aangedreven, bestaat knip- en pletgevaar!
26. Beveilig het werktuig voor u de tractor
verlaat. Laat het werktuig volledig naar
beneden. Schakel de motor uit en trek de
sleutel uit de ontsteking!
27. Niemand is op de tractor en het werktuig
toegelaten als het voertuig niet aan de hand
van een rem en/of wig tegen bewegen
wordt beveiligd!
178
hydraulisch
worden
18. Vozno hitrost morate vedno prilagoditi
pogojem okolja! Pri vožnji navzgor ali
navzdol ter prečno na strmino se
ogibajte naglega zavijanja!
19. Obnašanje pri vožnji ter sposobnost
zavijanja
se
pri
obešenem stroju in balastnih utežeh
spremeni! Zato pazite na zadostno
sposobnost zavijanja in zaviranja!
20. Pri vožnji po ovinkih upoštevajte breme,
ki je izven težišča in / ali vztrajnostno
maso stroja!
21. Stroj priključite samo, če so nameščene
vse varovalne naprave in če je v
zavarovanem položaju!
22. Prepovedano je zadrževanje v nevarnem
in delovnem območju stroja!
23. Ne zadržujte se v območju vrtenja in
obračanja stroja.
24. Hidravlično vzvodovje se sme upravljati,
če v področju zasuka niso osebe.
25. Na upravljalnih delih (hidravlika) se
nahajajo mesta stiskov in škarjastega
prijema.
26. Preden zapustite traktor, stroj zavarujte!
Priključek popolnoma spustite! Motor
ugasnite in izvlecite ključ za vžig!
27. Med traktorjem in strojem se ne sme
zadrževati nihče, ne da bi bilo vozilo
zavarovano proti premiku z ustavitveno
zavoro in/ali z podloženo zagozdo!
priključenem
ali