m WAARSCHUWING
Het product en de verpakkingsmaterialen zijn geen
kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic
zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er be-
staat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar!
9.
Montage
m WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel!
Steek de voedingsstekker pas in het stopcontact als
het product klaar is voor gebruik.
m WAARSCHUWING
Inzetstukken kunnen scherp zijn en tijdens het gebruik
heet worden. Draag altijd veiligheidshandschoenen, als
u met inzetgereedschap werkt.
9.1
Montage van de kolom (5) en grondplaat (1)
(afb. 2)
1.
De grondplaat (1) op de vloer of op de werkbank
plaatsen.
2.
Zet de kolom (5) zo op de grondplaat (1), dat de
gaten van de kolom (5) zijn uitgelijnd met de gaten
in de grondplaat (1).
3.
Schroef de drie schroeven (6) voor bevestiging
van de kolom (5) in de grondplaat (1) en haal deze
met een moersleutel (SW13) aan.
9.2
Verwijderen van de tandheugel (4) (afb. 3)
Om uw boormachine te kunnen monteren, moet u eerst
de tandheugel (4) demonteren.
1.
Demonteer de ring (7) met behulp van een Inbus-
sleutel (SW3) en trek deze van de kolom (5).
2.
Trek nu de tandheugel (4) er uit.
9.3
Voormontage van de boortafelhouder
(Afb. 17+18)
1.
Schuif de slingerstanghouder (22) van binnenuit
door het boorgat van de boortafelhouder (2).
2.
Plaats de handslinger (21) op de slingerhouder en
borg de handslinger (3) met de inbussleutel.
9.4
Montage van de boortafelhouder (2) (afb. 4)
1.
Steek de tandheugel (4) in de groef van de boor-
tafelhouder (2).
2.
Lijn de tandheugel (4) in het midden van de boor-
tafelhouder (2) uit.
3.
Let op bij het samenvoegen van de tandheugel
(4) binnen de groef op de juiste vertanding van de
boortafelhouder (2) met de tandheugel (4).
84 | NL
4.
Plaats nu de boortafelhouder (2) met de tandheugel
(4) op de kolom (5) en breng de tandheugel (4) in de
onderste tandheugelgeleiding op de staandervoet.
5.
Borg de tandheugel (4) met de ring (7). Let hierbij
op dat de tandheugelgeleiding op de ring (7) om-
laag wijst. Fixeer de ring (7) door het aanhalen van
de geïntegreerde stelbout.
6.
Steek de verstelgreep hoogteverstelling (3) in de
schacht van de boortafelhouder (2) en borg deze
met een stelbout
9.5
Montage machinekop (8) en kolom (5) (afb. 5)
1.
Plaats de machinekop (8) op de kolom (5).
2.
Breng de spil (33) van de boormachine met de
boortafel (18) en de grondplaat (1) in de afdekking.
3.
Draai de twee stelbouten, die zich aan de zijkant
van de machinekop (8) bevinden, goed aan. Ge-
bruik hiertoe een inbussleutel (SW4).
9.6
Montage van de boorkopbescherming (16)
(afb. 6)
1.
Plaats de boorkopbescherming (16) op de spin-
delbuis.
2.
Draai de sleufkopbout (17) weer vast.
9.7
Montage van de grepen (9) op de slinger van
de verticale aandrijving (afb. 7)
• De grepen (9) vastschroeven in de schroefdraad van
de spindelnaaf.
9.8
Montage van de tandkransboorkop (23) (afb. 8)
1.
Reinig het conische gat in de tandkransboorkop
(23) en de spilkegel met een schone doek. Contro-
leer of er geen vuildeeltjes meer aan de oppervlak-
ken hechten. Bij de minste verontreiniging op een
van de oppervlakken wordt een goede bevestiging
van de tandkransboorkop (23) verminderd. Hier-
door kan de boormachine evt. gaan slaan.
Als het conische gat in de tandkransboorkop (23)
extreem vervuild raakt, dient u een reinigingsop-
lossing op een schoon stuk stof te gebruiken.
2.
Schuif de tandkransboorkop (23) zo ver mogelijk
op de spilneus.
3.
Draai de buitenste ring van de tandkransboorkop
(23) linksom (van bovenaf gezien) en open de
klauwen van de tandkransboorkop (23).
4.
Plaats een stuk hout op de machinetafel en laat de
spil (33) zakken tot op het hout. Druk stevig aan
zodat de kop precies past.
www.scheppach.com