WAARSCHUWING: Zet uw verstekzaag, voordat u met zagen begint, op een werkbank vast met behulp
van klemmen of bouten. Gebruik uw verstekzaag nooit op de grond of terwijl u op uw hurken zit. Niet naleving van
deze waarschuwing kan ernstig lichamelijk letsel tot gevolg hebben.
10.2
ZAAGWERKZAAMHEDEN UITVOEREN MET UW VERSTEKZAAG
WAARSCHUWING: Wanneer u een bankschroef of schroefklem gebruikt om het werkstuk vast te zetten,
mag u het werkstuk slechts aan één kant van het zaagblad vastzetten. Het werkstuk mag niet aan beide kanten
worden vastgezet om te voorkomen dat het zaagblad in het werkstuk klemt. Als dit zou gebeuren, kan de motor
vastlopen en de machine terugstuiten. Dit kan een ongeluk en ernstig lichamelijk letsel tot gevolg hebben.
10.3
DWARSDRAADS ZAGEN
Zie afbeelding 24.
Bij dwarsdraads zagen zaagt u dwars op de draad van het werkstuk. Om dwarsdraads te zagen, moet de draaischijf op
de stand 0° worden ingesteld. Om dwarsdraadse versteksneden te maken, moet de draaischijf worden ingesteld op een
andere hoek dan 0°.
Afb. 24
A. RECHTE DWARSDRAADSE ZAAGSNEDE
10.4
DWARSDRAADS ZAGEN MET UW ZAAGMACHINE:
•
Trek de vergrendelpen uit de zaagkop en zet de zaagkop helemaal omhoog.
•
Draai de draaischijfvergrendelingsknop los, door deze ongeveer een halve slag naar links te draaien.
•
Druk met uw duim de draaischijfvergrendelingsveer in en houd deze ingedrukt.
•
Draai de draaischijf totdat de aanwijzer uitgelijnd is op de gewenste hoek op de verstekschaalverdeling.
•
Laat de draaischijfvergrendelingsveer weer los.
NB! De hoeken 0°, 15°, 22,5°, 31,62° en 45° links en rechts kunnen snel gelokaliseerd worden door de draaischijf-
vergrendelingsveer los te laten terwijl u de regelarm draait. De draaischijfvergrendelingsveer zal dan in één van de
arrêteerkepen van de vaste hoekinstellingen in het voetstuk van de draaischijf grijpen.
•
Draai de draaischijfvergrendelingsknop stevig vast.
WAARSCHUWING: Om ernstig lichamelijk letsel te voorkomen, moet u de draaischijfvergrendelingsknop altijd
stevig vastdraaien voordat u gaat zagen. Als deze knop niet goed is vastgedraaid, kunnen de regelarm en
de draaischijf zich tijdens het zagen verplaatsen.
•
Leg het werkstuk vlak op de draaischijf met een rand stevig tegen de aanslag aan gedrukt. Als een plank krom is,
plaats dan de bolle kant tegen de aanslag. Als de holle kant tegen de aanslag wordt geplaatst, bestaat het gevaar dat de
plank aan het einde van de zaagsnede op het zaagblad vastloopt en het zaagblad blokkeert. Zie afbeeldingen 31 en 32.
•
Wanneer u lange stukken hout of kroonlijsten zaagt, moet u het tegenovergestelde uiteinde van het werkstuk
ondersteunen met een rolbok of een werkbank op dezelfde hoogte als de draaischijf.
•
Lijn de op het werkstuk afgetekende zaaglijn uit met het zaagblad.
•
Houd het werkstuk goed met één hand vast en druk het stevig tegen de aanslag. Gebruik voor zover mogelijk een
bankschroef of een schroefklem om het werkstuk vast te zetten. Zie afbeelding 24.
WAARSCHUWING: Om ernstig lichamelijk letsel te voorkomen, moeten uw handen buiten de "verboden voor
handen" zone blijven, op een afstand van minstens 80 mm de het zaagblad. Maak nooit zaagsneden uit de vrije
hand (zonder het werkstuk tegen de aanslag aan te drukken). Het zaagblad kan in het werkstuk grijpen als dit
uitglijdt of verbuigt.
•
Doe, voordat u de zaagmachine in werking stelt, eerst een proef bij onbelast lopen, om u ervan te vergewissen dat de
zaagsnede zonder probleem uitgevoerd kan worden.
•
Houd de handgreep van de zaag goed vast, druk de blokkeerknop in en druk op de AAN/UIT schakelaar. Wacht enkele
seconden totdat het zaagblad het maximale toerental heeft bereikt.
•
Beweeg het zaagblad langzaam omlaag door het werkstuk heen. Zie afbeelding 24.
•
Laat de AAN/UIT schakelaar los en wacht tot het zaagblad ophoudt met draaien voordat u het uit het werkstuk trekt.
Wacht tot de elektrische rem het zaagblad heeft stilgezet voordat u het werkstuk van de draaischijf afneemt.
10.5
AFSCHUINEN
Zie afbeeldingen 25 en 26.
Bij afschuinen zaagt u dwars op de draad van het werkstuk met het zaagblad in een schuine stand ten opzichte van het
werkstuk. Rechte schuine sneden worden uitgevoerd met de draaischijf op de stand 0° en het zaagblad onder een hoek
tussen 0° en 45°.
Afb. 25
A. LINKERKANT
B. LINKER AANWIJZER
C. MONTAGESTEUN
D. SCHAALVERDELING
B. SCHROEFKLEM
E. RECHTERKANT
F. RECHTER AANWIJZER
G. SCHAALVERDELING
135
NL