03 PRODUCTSTRUCTUUR EN MONTAGE
ÿLightBurn Runÿ
(0,300)
(300.300)
(0,0)
(300,0)
(+150,+150)
(0,0)
A) Absolute coördinaten:
De machine zal naar het midden bewegen,
De voltooide ster zal op (150.150) staan
Mocht de machine vastlopen, zorg er dan voor dat u de laser iets terug naar het midden trekt voordat u hem weer naar de beginpositie brengt.
Er zijn twee eindschakelaars op de machine, één voor X en één voor Y. Als de eindschakelaar op één van de twee wordt ingedrukt, zal de
Belangrijk
ÿ
machine die as niet verplaatsen tijdens het homing.
Stel dat we bijvoorbeeld een ster willen graveren. Deze bevindt zich in het midden van de LightBurn-werkruimte, zoals weergegeven op het computerscherm, op de positie
(150,150).
De volgende afbeelding toont de machine in elk van de drie opstartmodi
Er kunnen problemen optreden bij het handmatig verplaatsen van de lasermodule in het absolute coördinatensysteem of de gebruikersoorsprong, omdat
de machine niet weet dat deze is verplaatst.
Het kan zijn ware positie niet kennen, tenzij de oorspronkelijke positie wordt hersteld of herplaatst.
Houd rekening met de volgende reeks bewerkingen wanneer u met absolute coördinaten werkt:
1. De oorsprong van de machine is (0,0)
2. De gebruiker sleept de laser fysiek naar een positie in de buurt van (300,300), en de machine denkt nog steeds dat deze zich op (0,0) bevindt;
3. De gebruiker voert het sterprogramma uit. De machine begint omhoog en naar rechts te bewegen om het "midden" te bereiken en raakt de rechterbovenhoek.
(+200,+200)
(0,0)
B) Gebruikersoorsprong:
Stel dat de gebruikersoorsprong is ingesteld op (20,20),
Dan zal de voltooide ster op (220,220) staan
C) Huidige positie:
De ster zal verschijnen waar de lasermodule zich ook bevindt
die zich bevindt op het moment dat het programma wordt gestart.
29
34
?