De pijpenbuigmachine is speciaal ontworpen voor het buigen van waterleidin-
gen en zwaar gegalvaniseerde pijpen. Bij dunwandige buizen kunnen echter
knikken of vouwen ontstaan. Om dit te voorkomen, vult u de pijp met zand
voordat u deze buigt en dicht u beide uiteinden af.
Gebruik de buigmachine alleen rechtop. Zorg ervoor dat er voldoende ruimte
rond de machine is voor de lengte van de pijp die gebogen moet worden.
Plaats het apparaat op een stabiele, vlakke en stabiele ondergrond. Als de ma-
chine op een werkbank wordt gebruikt, wordt het aanbevolen om de machine
met bouten of klemmen vast te zetten.
Selecteer de buigmatrijs die past bij de grootte van de pijp en plaats deze op
de houder.
Stel de rollen zo af dat de bovenkant van de pijp tegen de onderkant van de
rollen wordt gedrukt. De pijp kan worden gebogen van een lichte kromming tot
een hoek van 90°.
De rollers afstellen:
• Verwijder de pennen van de rolrails, schuif de rails uit de rollen en maak de rollen los
van het frame.
• Plaats de pijp op de buigmal en gebruik de gaten in het frame om de juiste positie te
bepalen.
• Verwijder de pijp weer.
• Houd de rollen over de gaten en zet ze vast met de pinnen.
• Herhaal dit proces voor de tweede roller en de rollerrails.
10
V. 1.1
NL