NL
Leveringsomvang
• Handleiding
• Grasmaaier
• Stuur
• Onderste gedeelte van het stuur
• Montagesleutel
• Opvangbak
• Zakje met kleine onderdelen
Montage
Stuur monteren
Aanwijzing: Alle montagestappen
moeten aan beide kanten worden
uitgevoerd.
Aanwijzing: Stuuronderdeel zoals
afgebeeld op het apparaat plaat-
sen, dat de trekstarterhouder zich
aan de rechtse kant bevindt.
► P. 4, afb. 3
– Stuuronderdelen (3) in de opnamen aan
het toestel steken en sluitschroeven (16)
doorsteken.
– Knevelmoeren (17) plaatsen en vast-
draaien.
► P. 4, afb. 4
– Stuur (2) op het stuuronderdeel (3) plaat-
sen en sluitschroeven (19) doorsteken.
– Knevelmoeren (20) plaatsen en vast-
draaien.
– Trekstarterhouder (18) zoals afgebeeld
vastschroeven en trekstarter (9) inhan-
gen.
Opvangreservoir monteren
► P. 5, afb. 5
– Bevestig de opvangzak (22) aan het
metalen frame van de opvangbak.
– Rubberlip zover mogelijk in de geleider duwen!
Inbedrijfstelling
Brandstof bijvullen
► P. 3, afb. 2
GEVAAR! Risico op letsel! Ben-
zine is zeer licht ontvlambaar!
Schakel de motor uit en laat hem
afkoelen vooraleer u gaat tanken.
Neem bij de omgang met brandstof-
fen absoluut alle veiligheidsinstruc-
ties in acht.
122
LET OP! Risico op schade aan
het apparaat! Het toestel wordt
zonder motorolie geleverd.
Vul de motorolie absoluut bij voor
de inbedrijfstelling.
Aanwijzing: Gebruik enkel de
geschikte brandstoffen (► Bruikbare
brand- en smeerstoffen – p. 126).
– Draai het tankdeksel (11) open en neem
het eraf.
– Vul de brandstof voorzichtig bij (inhoud
van de tank: ► Technische gegevens –
p. 126). Niet morsen!
– Controleer de pakking in het tankdeksel
op beschadigingen en reinig indien nodig.
Beschadigde pakking onmiddellijk ver-
vangen!
– Draai het tankdeksel (11) met de hand
opnieuw vast.
Motorolie bijvullen
► P. 3, afb. 2
– Draai de vulschroef voor de
motorolie (15) open en neem ze eraf.
– Vul de motorolie voorzichtig bij (inhoud
van de tank: ► Technische gegevens –
p. 126). Niet morsen!
– Draai de vulschroef voor de
motorolie (15) met de hand opnieuw vast.
Snedehoogte instellen
► P. 5, afb. 6
De maaihoogte kan op meerdere niveaus
worden ingesteld (maaihoogten: ► Techni-
sche gegevens – p. 126).
– Hefboom (6) naar de zijkant trekken.
– Maaihoogte op de gewenste waarde
instellen en hendel weer laten inklikken.
Opvangreservoir aanbrengen
► P. 5, afb. 7
– Beschermingsklep (7) opheffen en vast-
houden.
– Opvangreservoir (8) ophangen.
– Verzekeren dat het opvangreservoir veilig
is ingesloten.
Bediening
Controleren alvorens te starten!
GEVAAR! Risico op letsel! Het
apparaat mag uitsluitend in gebruik
worden genomen als er geen defec-
ten zijn gevonden. Als een onderdeel
defect is, moet dit beslist vóór het vol-
gende gebruik worden vervangen.