Bekabeling van de monitor naar de camera
Leid de aansluitkabel in het inwendige van het voertuig.
Verbind de camera-aansluitkabel met de verlengkabel (zie ✎ L 16 ).
Installeer de verbindingskabel tussen de camera en de monitor
(zie ✎ H en L 13).
Isoleer de steekverbinding met de bijgeleverde isolatietape
(zie ✎ L 16 tot N 18).
Bevestig de kabels veilig in het voertuig, om verstrengeling (gevaar
voor struikelen) te verhinderen. Dit kan geschieden door gebruik van
kabelbinders, isolatietape (zie ✎ L 14 en L15) of vastlijm en met lijm.
Begin met het afdichten van de doorvoeropeningen pas, nadat alle
instelwerkzaamheden aan de camera zijn afgesloten en de
benodigde lengtes van de aansluitkabels zijn bepaald.
Attentie: De steekverbinding op de camera is niet tegen vocht
beschermd. Dicht deze verbinding beslist met de bijgeleverde
isolatietape af, om beschadiging te voorkomen.
Benodigde onderdelen voor de bekabeling van de camera naar
de monitor zie ✎ L 13 tot L 15.
Indien nodig, zijn overige verlengkabels bij uw dealer of bij WAECO
verkrijgbaar:
Lengte
Art.-nr.
5 m
RV-505
8 m
RV-508
20 m
RV-520
110
Bekabeling